Johan Bodegraven neemt na
33 jaar afscheid van zijn NCRV
Uit brieven van lezers
„Hoorspel is de mooiste vorm van radio"
MAANDAG 2 JULI 1979
VARIA
TROUW/KWARTET
6
door Fred Lammers
HILVERSUM Jo-
han Bodegraven, de
man die gedurende 33
Jaar mede het gezicht
van de NCRV heeft be
paald, wordt morgen
65 jaar. Dat betekent
dat hij na de vakantie
periode met pensioen
gaat. Het zal in het be
gin voor beide partijen
moeilijk wennen zijn,
want Johans vertrek is
definitief.
„Ik stap er helemaal uit. Ver
scheidene mensen maken
zich daar zorgen over. Ze
zijn bang dat ik in een gat
zal vallen, omdat ik zo'n ge
weldig bezet leven heb ge
had. Regelmatig vragen ze
me wat Ik ga doen als ik weg
ben bij de radio. Nu, ik zie
daar zelf helemaal niet zo
tegenop. De vrijheid die ik
zal krijgen: Iedere ochtend
tijd hebben om de krant te
lezen, er fijn met de caravan
op uit trekken, lijkt me heer
lijk. Er komen ook van alle
kanten uitnodigingen om le
zingen te houden voor vrou
wenbonden en bejaarden-
clubs. maar ik schrijf ze alle
maal af. Laten de mensen
me alsjeblieft een jaartje
rust geven. Ik wil een beetje
af van de terreur van mijn
agenda."
Heel Nederland kent hem.
Joh an was de man van de
spraakwaterval, het mast-
klimmen. de vossenjachten
en hoe die familiespelletjes,
die hij in de loop der Jaren
voor de microfoon bracht,
ook mogen heten. Befaamd
werden zijn nationale inza
melingsacties. Het begon
met „Haak-ln", de actie om
in Parijs een milligram ra
dium voor de kankerbestrij
ding te kunnen kopen. „Dat
kostte toen 80.000 gulden, in
die tijd een vreselijk hoog
bedrag, waarvan we ons af
vroegen of we het ooit zou
den halen." zegt Johan Bo
degraven bijna dertig Jaar
later. Maar het geld kwam
er. Dat gebeurde ook bij de
acties „Beurzen open dijken
dicht"; „Goed Zo"; „4 x
Z.N." en „Geven voor
Leven".
Geen
scheldwoord
Johan kreeg er al gauw de
bijnaam „aartsbedelaar"
door. ..Gerard Hoek. des
tijds de grote man bij de
NCRV. probeerde mij te
troosten. „Denk er om, het is
geen scheldwoord. Vergelijk
het maar met de Geuzen,"
cel hij. Maar ik heb het er
nooit moeilijk mee gehad,
als ze het maar met een t
schrijven zoals aartsbis
schop." vindt de betrokkene
zelf. Het was ook Gerard
Hoek, die een belangrijke rol
speelde bij het indlensttre-
den van Johan Bodegraven
bij de NCRV „Samen met
studiochef Evert Lamme be
naderde hij me in 1946 met
de vraag of ik ervoor voelde
de wekelijkse spraakwater
val te leiden. Ze hadden me
bezig gezien bij de padvinde
rij in Utrecht. Maar dat was
allemaal liefhebberij. Ik
JOHAN BODEGRAVEN radio is zo vluchtig
werkte evenals mijn vader
bij de belastingen en daar
had ik het best naar mijn
zin. Met de radio had ik
nooit iets te maken gehad.
Het aanbod die spraakwa
terval te leiden trok me ech
ter wel aan en het was im
mers maar een avond in de
week. Het betaalde ook
goed: 25 gulden per uitzen
ding. Dat was een fors be
drag net na de oorlog. Ik
kreeg er een dubbel inko
men door. Minister Llef-
tlnck. mijn grote baas bij de
belasting, moest ik wel om
toestemming vragen, maar
hij zette grif zijn handteke
ning. Dat ging toen allemaal
erg gemakkelijk."
Johan Bodegraven voelde
zich spoedig zo nauw betrok
ken bij zijn nevenactivitei
ten dat hij regelmatig schrif
telijk ideeën aandroeg voor
andere programma's o.a. om
uitzendingen te wijden aan
bepaalde streken van Neder
land.
Meneer Hoek
„Er kwam echter nooit ant
woord op. Meneer Hoek (HIJ
is altijd meneer voor mij ge
bleven. Je haalde het niet in
Je hoofd hem bij zijn voor
naam te noemen, omdat wat
nu heel gewoon is toen nog
niet gebruikelljkwas) durfde
ik er niet naar te vragen. Ik
zag hoog tegen hem op. Dat
ben ik trouwens blijven
doen. Ik heb erg veel van
hem geleerd. Hij was een in
ventieve man. die zijn mede
werkers enorm wist te inspi
reren."
„Omdat er toch geen reactie
kwam, stopte ik op een gege
ven moment met het indie
nen van plannen. Dat viel
kennelijk toch op. want na
twee maanden klampte Ge
rard Hoek me aan waarom
hij geen briefjes meer van
me kreeg. We zijn toen gaan
praten en bij die gelegen
heid vroeg hij me of ik volle
dig bij de NCRV in dienst
wilde treden. Men wilde
meer ontspanningsprogram
ma's brengen, heel vooreich-
tig allemaal.
Het woord cabaret werd bij
voorbeeld niet gebruikt.
Men had het over klein
kunst. Daar heb ik echt wel
even over moeten denken.
Je liet als rijksambtenaar
een boel zekerheden achter
Je. Met name de pensioenen
waren bij de omroep nog
niet zo goed geregeld." Uit
eindelijk zei Johan toch ja,
al dreigde zijn benoeming op
het laatste moment niet
door te gaan. „Dat was toen
ik vertelde gereformeerd te
zijn. Kort voor mij waren er
twee gereformeerden be
noemd, zodat het evenwicht
danig verstoord dreigde te
worden. „O hemel, dat kan
niet, we hebben toch al de
naam dat we een gerefor
meerde omroep zijn," riep
Gerard Hoek geschrokken
uit. Dat is de enige keer dat
ik hem zo'n uitdrukking heb
horen bezigen. Maar hij kon
moeilijk meer terug. ,De vol
gende keer als we een nieu
we medewerker moeten aan
trekken zullen we beginnen
hem te vragen of hij her
vormd is.' besloot Hoek."
Omroepen
De eerste tijd bij de radio
was Johan. naar hij vertelt
„manusje van alles". Hij was
druk met de steravonden
maar maakte ookreportages
voor „Vandaag", de radio
krant van Nederland, waar
mee de NCRV de actualitei
ten snel in de huiskamers
bracht. „Het gebeurde ook
wel dat ik ineens moest in
vallen als omroeper. Het was
een heel kleine club waarin
je functioneerde. Veertig
mensen hadden we toen, nu
lopen er vierhonderd rond.
En dan waren er nog de
hoorspelen. Na daarvoor
speciaal te zijn opgeleid heb
ik die vijf Jaar lang geregis
seerd. Dat was een heel
mooie tijd. Ik was zo met die
hoorspelen in de regel
heel lange series bezig,
dat ik er nadien nauwelijks
afstand meer van kon doen.
Met het script van Davjd
Copperfield heb ik nog
maandenlang rondgelopen.
Hoorspel is de mooiste vorm
van radio. Dat vind ik nog
steeds. Alles komt er aan te
pas. Dat geldt ook voor de
luisteraars. Bij een hoorspel
maken de mensen hun eigen
decor. BIJ de televisie is de
illusie weg en dat is een ver
arming."
Johan Bodegraven ontkomt
er niet aan met het afscheid
voor de deur terug te blik
ken. „Je moet daarbij oppas
sen, dat je niet gaat idealise
ren. Feit is echter dat alles
tegenwoordig veel professio
neler gaat. Ik geloof wel dat
we vroeger onder elkaar veel
meer plezier hadden. Het pu
bliek was vroeger minder
verwend en minder kritisch.
De mensen vonden het niet
erg als je eens uitgleed."
Johan is, terwijl collega's
nogal eens van omroep ver
anderden. de NCRV altijd
trouw gebleven. „Ze hebben
me trouwens nooit gevraagd
bij een andere omroep, om
dat ze wisten dat ik een
NCRV-man was. Dat kwam
voort uit mijn opvoeding. Ik
ben opgegroeid met de kna
pen- en de jongelingsvereni
ging, was als kind al ver
trouwd met de NCRV. Ik
ben typisch een jongen uit
die generatie."
Dat heeft me in dat radio
werk onbewust ook getrok
ken. De C in NCRV betekent
veel voor me en dat bedoel
ik echt niet zalverig. Werken
ten algemene nutte met toch
die diepere achtergrond was
de basis van mijn bezig zijn.
„Dat is nooit zo sterk naar
voren gekomen als bij de ac
tie voor de bouw van een
diaconessenhuis in Parama
ribo, toen ik op een feestelij
ke avond voor de microfoon
een gedeelte uit 1 Corinthe
13 (het hooglied van de lief
de) heb gelezen om de naam
van de actie, die niemand
begreep, 4 x Z.N., te verkla
ren: de liefde, zij zoekt zich
zelve niet. Dat zoiets kan bij
de NCRV. daar ben ik dank
baar voor. Je weet nooit wat
ervan blijft hangen bij an
dersdenkenden die luis
teren".
Al brachten andere acties
vaak veel meer op, toch be
waart Johan Bodegraven
aan de inzameling voor dat
ziekenhuis in Suriname de
meest prettige herinnerin
gen. „In tegenstelling tot die
andere acties zie je bij dat
diaconessenhuis veel direc
ter resultaat. Dat gebouw
staat er als een monument
van liefde."
Mr. Roosjen
Gedurende al die jaren bij
de radio heeft Johan Bode
graven het nodige meege
maakt. Toch denkt hij er
niet over, zoals enkele colle
ga's hebben gedaan, zijn
herinneringen te boek te
stellen. „Anekdotes maken
zo'n boekje leesbaar, maar
het is veel aardiger als je die
de mensen zelf hoort vertel
len, al is het wel een voordeel
dat je in een boek iets kunt
vastleggen voor later. Radio
is zo vluchtig. Als de uitzen
ding is geweest is het voor
bij. In het gunstigste geval
staat het op de band, maar
wanneer draai Je die af. Dat
(foto: Jaap Herschel i
vlinderachtige van radio heb
ik vanaf het begin een na
deel gevonden."
Aan anekdotes heeft Johan
geen gebrek, bijvoorbeeld
zijn laatste ontmoeting met
de vroegere NCRV-voorzit-
ter mr. Roosjen. „Dat was
twee maanden voor zijn
dood. Eerst had- hij wat be
verig thee ingeschonken en
zelf een grote sigaar opge
stoken. Na een poosje zei hij
met zijn karakteristieke
stemmetje, dat gelukkig
voor later is vastgelegd, 'Wil
je jus d'orange?' Ik knikte
en hij ging een flesje en een
glas halen. Daarna liep hij
weer naar de kast om zich
zelf een dubbele jonge in te
schenken. 'Proost', zei hij,
zijn glas heffend. Ik had ook
wel een jonge klare gelust,
maar daar vond hij me zeker
te jong voor. Het was Roos
jen ten voeten uit."
Teleurstellingen zijn Johan
Bodegraven niet bespaard
gebleven. Zo heeft hij het
erg moeilijk gehad met de
versnippering in de omroep
en de komst van de E.O.
„Hoewel de Evangelische
Omroep er op een democra
tische manier is gekomen
heb ik er de noodzaak nooit
van ingezien. Misschien
heeft de E.O. ergens een cor
rigerende werking gehad op
sommige dingen bij de
NCRV, zijn we er ons door
bewust geworden dat we be
paalde zaken niet ernstig ge
noeg hebben genomen, maar
dat we zaken hebben laten
liggen ontken ik."
Ondanks dit alles blijft Jo
han Bodegraven in de radio
geloven. „De radio heeft toe
komst. Dat heb ik altijd ge
zegd, ook toen velen een jaar
of tien geleden dachten dat
dit medium door de op
komst van de televisie een
aflopende zaak was. Vooral
wat actualiteit betreft houdt
de radio een voorsprong op
de televisie."
Bootvluchtelingen
Hoelang is het geleden, dat de goege
meente haast in elke. preek 's zondags
in de kerk of in artikeltjes van theolo
gen enz. op haar hart gedrukt kreeg
dat Zuid-Vietnam zo nodig „bevrijd"
moest worden. Hoe kan dat dan, dat
die zogenaamde bevrijde Vietname-
zen nu zelfs tot in Nederland komen
vluchten? Is die bevrijding dan toch
niet zo best als ons werd voorge
houden?
Velsen J. G. Bosman-Geurkink
heel anders zou hebben uitgepakt
Dat al die ellende niet nodig was
geweest als de heer Aantjes zelf open
kaart had gespeeld, daaraan gaat
Trouw opnieuw voorbij; weer wordt
gesuggereerd dat het spreken van De
Jong erger was dan het zwijgen van
Aantjes. Ook nu is er weer sprake van
twee letters die hem de das hebben
omgedaan. Die aanduiding werkt ver
sluierend en gaat volkomen voorbij
aan de wereld van leed die die twee
lettertjes vandaag de dag nog oprqe.
pen voor duizenden mensen.
HALLE Bert Aalbérs
Bootvluchtelingen (4) Aantjes (10)
De bij de „tekening van een lezer"
geplaatste vraag (26 juni) wordt te
recht gesteld. Inderdaad zouden al
diegenen, die in de Vietnam-tijd aan
gedrongen hebben op het vertrek van
de Amerikanen, omdat alles beter
leek dan die gruwelijke oorlog, over
hun ontgoocheling heen moeten stap
pen en de handen in een moeten
slaan om de bootvluchtelingen te hel
pen. Wel vraag ik me af hoe het nu
eigenlijk zit met die mensen die des
tijds niet in beweging te krijgen wa
ren, omdat ze zeker wisten dat met de
komst van het communisme de hel
zou losbarsten (en inderdaad). Die
zich in het algemeen van vrijwel elke
actie distantiëren en actievoerders
tot wanhoop brengen door hun voor
te houden dat ze eerst maar eens
tegen Rusland en dergelijke moeten
demonstreren. Je zou verwachten dat
die nu massaal tot hulpverlening
overgingen. Maar daar merk ik ook
maar zo weinig van. Het probleem is
echter te ernstig om met elkaar op de
vuist te gaan over de vraag wie zich
nu het lot van deze vluchtelingen het
meest aan moet trekken.
Hilversum M. H. van Di jk-Steinfort
Bootvluchtelingen (5)
Het lot van de tienduizenden Vietna-
mezen kan me vervullen met door
machteloosheid opgewekte woede.
Zodoende kan ik instemmen met het
slot van het artikel van Johan ten
Hove, 23 juni. Wanneer het westen
zich niet inspant om op grote schaal
deze vluchtelingen op te nemen, ver
dienen we nog minder de naam van
„het christelijke westen". De geschie
denis herhaalt zich alweer, volkeren
moord, discriminatie nu vanuit de
communistische ideologie. Zolang
wij nog niet in zo'n kooi zitten, kun
nen we nog iets doen. Het Nederland
se volk kan tientallen miljoenen op
brengen en daardoor solidariteit to
nen met de mens in nood, dichtbij en
ver.
Arnhem A. G. Vrolijk
Geen water van de zee kan Aantjes
schoonwassen. Dat ben ik helemaal
eens met de heer Stein, maar wat wel
schoon wast? Het Bloed van Jezus
Christus wast nog witter dan sneeuw;
Het reinigt van alle zonden. En ik
dacht dat Aantjes zijn vertrouwen bi
kiezers die er ook zo over denken (ei
dat zijn er, Gode zij dank, nog velen,
niet heeft verloren. Ik dacht dat ook
hier passen de woorden van Jezus;
Oordeelt niet opdat gij niet geoor
deeld wordt.
deeld wordt.
Zaandijk
W. Siegers
Verpleegsterstekort
Een familielid, pas geopereerd, viel 'k
nachts uit zijn bed en bleef daar
onopgemerkt liggen. In Nederland
worden verpleegden in ziekenhuizen
slecht verzorgd. Door gebrek aan per
soneel. Waarom geen meisjes inge
schakeld? Jongens moeten onder
dienst, meisjes hebben geen enkele
verplichting tegenover het Neder
landse volk. Dat is onlogisch en on
eerlijk. Overigens is het wel goed dat
de toekomstige moeder leert wat hy
giëne, voeding, ontstaan en ontwik
keling van een baby is. Als toekom
stig echtgenote mag zij best leren wat
en hoe een man is. Vooral wanneer hij'
ziek is. De verpleging is in gevaar!.
Doe als Israël. Schakel meisjes li).
Help de meisjeswerkloosheid bestrij»
den. Hef het verplegerstekort op. Wel
ke regeringspartij neemt hiertoe hè£
.initiatief?
Kampen H. J. Overweg,
Aantjes (9)
In haar commentaar doet Trouw als
of er nu ineens een heel nieuw licht op
de zaak Aantjes gevallen is. Maar is
dat werkelijk waar? Het enige ver
schil met vorig jaar is dat Aantjes
geen bewaker maar gevangene was in
Port Natal. Al het overige was be
kend. Het belangrijkste uit november
'78 is door de nu uitgekomen rappor
ten alleen maar bevestigd: Aantjes
heeft bewust een belangrijk feit uit
zijn leven verzwegen toen de vraag
naar de politieke verantwoordelijk
heid zich voordeed. En waarom deed
hij dat? Uiteraard omdat hij zich rea
liseerde dat het bekend worden van
zijn lidmaatschap van de Germaanse
SS gevolgen zou kunnen hebben voor
zijn politieke loopbaan. Wie zorgvul
dig en opzettelijk feiten verewijgt,
loopt daarmee het risico dat anderen
die gaan onthullen en moet zich ach
teraf dan niet gaan beklagen dat de
zaken verkeerd worden voorgesteld.
De heer Aantjes en niemand anders
dan hij is daar voor verantwoordelijk.
Hij had dat kunnen voorkomen door
de werkelijke toedracht zelf uiteen te
zetten in een rustig klimaat. Ik ben
ervan overtuigd dat een en ander dan
Bezuinigen (5)
Ja het is onbegrijpelijk dat wij dat-
allemaal zo goed weten en toch maar
blijven doorgaan op de manier van,
altijd.
Toch volg ik met grote verbijstering
het nieuws op de tv en radio, want in
de meeste gevallen wordt het nieuws
gevolgd door de reclame van allerlei
soorten energie verspillende appara
ten, o.a. elektrische apparaten voor
de keuken. Moulinex-blikopener'
messenslijper, enz. enz. en dan de
apparaten voor de tuin, elektrische
tuinschaar-maaimachine, enz. in eri
om het huis, allemaal energiezuigefl-
de en vretende apparaten.
En stel je voor dat wij die dingen
ineens ook niet meer kochten, dan
weer nieuwe werkeloosheid. Wat een
ellende, wat moet je nu wel en wat
'moet je nu niet doen. Kunnen wij noe
wel blijven zingen: „Wat de toekornsl
brenge moge die toekomst ligt
toch in onze eigen hand op dat
gebied.
Nee, dan die brief van en over e$i\
DROOM, uit Trouw van maandag
juni. Ik zou bijna willen vragen, die
brief nog eens op te nemen. En me
neer of mevrouw J. J. Steenbergen-
Huiser, als het zou kunnen, maak et'.
een „Europa-stunt" van. De wereld;-
onze wereld moet weten waar we naar,
toe gaan in deze zo beschamends
levensstijl en levensmentaliteit.
Rozendaal Zr. F. Vos
tet
BI
we
ee
SE
Sp
no
lai
ee:
Nai
bor
bra
tra,
bin
ine:
cie
lan
ner
v&r
bel
dis
daa
mal
was
een
heb
het
van
bon
was
niet
Zat<
won
Bel(
brar
hooi
drac
Onder redactie van
mevrouw J. Wentink-Frumau
en mr J. J. Wentink
Vragen uitsluitend in envelop sturen naar postbus 507, 2270 AM
Voorburg. Per vraag een gulden in postzegels, het liefst in waarden
van 55 en 45 cent bijvoegen. Beslist niet aan de buitenkant opplakken.
Geheimhouding verzekerd. Briefkaarten worden terzijde gelegd.
Mededeling: In verband met onze va
kantie hebben we de correspondentie
zeer beperkt. De in deze rubriek opge
nomen vragen en antwoorden werden
niet zoals gebruikelijk voorafgegaan
door een persoonlijk schrijven Wat
minder geschikt voor publlkatie is,
blijft wachten tot na onze vakantie.
VRAAG: Zijn de strips Fosdyke
Saga en Ferd'nand ook in boekvorm
verschenen?
ANTWOORD: Volgens onze gege
vens komt de eerste strip van Pers.
111. te Kopenhagen en de tweede van
een bureau te Amsterdam, als strip,
niet ais boek. Iets anders ls het met
de Asterixpublikaties. De grote
prenteboekachtige uitgaven kan men
overal kopen en de verschijning van
een vers exemplaar wordt daarbij
heel snel gesignaleerd. Wij vernamen
van een bevriend leraar, dat hij Aste-
rlx In de originele Franse taal als
lesmateriaal gebruikt.
VRAAG: Onze hond (8 Jaar. reu)
plast nogal eens ln huls op de vaste
wollen vloerbedekking, steeds op de
zelfde plaats. Wij deppen met lauw
water en drogen dan na met handdoe
ken. maar het mikt heel erg vies.
Heeft u een oplossing?
ANTWOORD: Als een hond van die
leeftijd niet huiszindelijk is, wanhoop
ik wel aan zijn gedrag in de toekomst
In elk geval zal men het dier vaker
moeten uitlaten en bij afwezigheid
zal de hond op een plaats moeten
verblijven waar een gemakkelijk te
reinigen vloerbedekking of tegelvoer
is Wat de verontreinigde plaats in de
kamer betreft Dat gedeelte moet u er
natuurlijk uitknippen en vervangen.
Spuit in die hoek eens met Repper-
spray en herhaal dat nu en dan (Sabri
pet supplies Oosterhout). Bespreek
het geval ook eens met uw dierenarts.
Misschien zal een ingreep nodig zijn.
Bij verdere correspondentie gaame
voldoende zegels bijvoegen.
Noodkreet: De brief van mevrouw
Groot uit Enkhuizen leent zich niet
voor beantwoording in de krant. Aan
gezien mevrouw Groot veel naamge
noten heeft in deze stad. haar eigen
voorletters, adres en postcode niet
vermeldt, kwam de aan haar gerichte
brief terug. Een vriendin met dezelfde
naam. maar eveneens zonder duide
lijke verdere gegevens, verweet ons
onzorgvuldigheid. De aan deze vrien
din gerichte brief kwam ook terug.
Graag willen we behulpzaam zijn,
maar helderziendheid moet men niet
van ons verwachten.
VRAAG: Over de opleiding van am
bulancechauffeur.
ANTWOORD: Onze vraag hierover
bij de GGD te 's-Gravenhage werd
zeer onvolledig cn gehaast beant
woord. waardoor de Indruk werd ge
wekt, dat slechts zij. die het examen
verpleegkundige A en B achter de rug
hadden zich verder voor ambulance-
chauffeur zouden kunnen bekwamen.
Tijdens de opleiding (ongeveer zeven
jaar) zcu men dan wel vernemen hoe
het verder moest Een van de colle
ga's van de persdienst (voorlichting)
Volksgezondheid vertelde het volgen
de: De bezetting van een ambulance
ls meestal de chauffeur en de begelei
der De laatste een verpleegkundige
A en B De chauffeur moet in de
eerste plaats een goed vakman zijn
en daar komt ook wel het een en
ander extra aan te pas. Daarnaast is
hij betrokken bij het Jaden en los
sen". Volgens mijn zegsman ver
wacht men in de late herfst van dit
Jaar een advies van de speciale com
missie ambulancechauffeur en de be
geleider aan de staatssecretaris. Met
andere woorden: die opleiding ls er
zeer beslist nu nog niet. De vragen
steller krijgt een heleboel van zijn
mooie kinderpostzegels terug. Zoveel
was beslist niet nodig, zelfs als wij
zijn brief, waarin de vragen alle vier
op hetzelfde vlak liggen, zowel tot
zijn ais tot ons genoegen volledig
hadden kunnen behandelen. Maar
het gebruik van klndereegels ls toch
wel iets, dat navolging verdient: Bij
een grote correspondentie tikt zoiets
voor een goed doel altijd aardig aan.
't Hoeft natuurlijk niet, maar Juist de
vriendelijke dingen die niet moeten
of „hoeven", maken het leven zoveel
prettiger. Ja voor een goed doel lopen
we altijd graag warm.
VRAAG: Een paar maanden geleden
kwam ln uw rubriek nogal eens iets
voor over de Turfmeetster en haar
werk. Zoudt u misschien uw corres
pondentie over dit onderwerp, ais die
nog niet in het „ronde archief" of wel
de prullenmand verdwenen ls. af wil
len staan aan een van de werkgroe
pen „vrouwengeschiedenis", die mo
menteel aan de meeste universiteiten
gegevens over vrouwen en hun werk
verzamelen.
ANTWOORD: Helaas moest lk de
vragenstelster even laten wachten:
Het is echter zo. dat het handige
apparaat, waarin zoveel kan worden
opgeborgen op onze afdeling vrijwel
niet in gebruik ls. want alle brieven
met de antwoorden worden vrij lang
bewaard, maar we geven ze ook niet
uit handen. Mij is echter bekend dat
het in de bedoeling ligt een AO-boek-
Je aan dit onderwerp te wijden, wan
neer weet ik niet en wie het zal schrij-
ven evenmin (ik niet in elk geval).
Misschien na mijn vakantie een en
ander samen nog eens door te nemen
en toe te lichten, want het is een
aardig onderwerp, zeker voor iemand
die tijd en mogelijkheid heeft om er
verder op in te gaan.
VRAAG: Zegt de naam P. Signac u
iets?
ANTWOORD: Paul Signac
(1863-1935) geboren en overleden te
Parijs, als schilder beroemd, maar
ook zeer gewaardeerd door zijn publi
caties onder andere d'Eugène Dela
croix au Neo-impressonisme, een
boek dat geldt als een van de beste
werken over dit onderwerp, verder in
de Encyclopedie Franqaise en zelfs
lang na zijn dood in de Gazette des
Beaux Arts 49/53. Na zijn debut, beïn
vloed door Monet, werkte hij later bij
voorkeur samen met Georges Seurat.
Om deze kern groeide een toegewijde
kring bevriende neo-impressionisten,
die ook na de dood van Seurat in 1891
bleef bestaan. Behalve vrijwel alle
Franse zeehavens „bevoer" hij ook
Constantinopel en Nederlandse ha
venplaatsen. Het liefst was hij in St
Tropez, een plaatsje waarvan nog bij
na niemand het bestaan wist. Van
hem zijn zeer veel werken over teke
ningen, aquarellen en grootst opge
zette schilderstukken, waarin zijn be
zetenheid voor harmonie, licht en
kleur tot uitdrukking kwam. Als toe
gevoegde bijzonderheid: Signac was
een van de eerste die een doek van
Matisse heeft gekocht.
Vraag: Ik kocht op een rommelmarkt
een setje aardewerk, een luciferstan
daardje, een asbak en een sigarenbe-
kertje. Felle kleuren paars, groen lila,
donkerrood. Volgens de verkoper
Goudaplateel, dat niet meer gemaakt
werd. Inderdaad staat er Gouda Hol
land op de onderkant, met was te
kentjes en wat lettertjes. Het was
heel erg goedkoop en ik kocht het
eigelijk voor de grap, maar toch zou
ik graag iets meer over Gouda plateel
willen weten.
Antwoord: Het Goudse aardewe)
was voor velen in de vooroorlogi
jaren meer dan een begrip en werd in
een adem genoemd met pijpen, kaf'
en stroopwafels. Er zijn heel wat
brieken van tinglazuur of loodg#
zuuraardewerk geweest. Als eerste fajj
brikant wordt genoemd Willem Jartsz'
(1621). Het zou wel goed zijn als u dl?
tekentjes had overgenomen. Namens
als Zuid-Holland Gouda, Goedewa;
gen, Zenith, Gouda/Holland, Brottf
wer, de Kleiweg/Lanooy blijven op
deze manier losse kreten. Vraag in ufl
woonplaats in de bibliotheek eens
naar een boek over aardewerk. Wel
licht heeft men iets voor u.
Vraag: Wat is dit voor een merkwaar
dig vignet, dat men ziet op muren en
tramhuisjes?
Antwoord: Uw tekening was niet erg ontr
duidelijk; volgens een nog jonge huis
genoot ZOU dit een hprUonniricrctAlfpn
zijn van de NVU. Het is
opschriften en kreten op muren enizelft
wachthuisjes of deuren te negereitigon
Zolang de mensen leerden schrijveijtege
was het leuk of opwindend ergens|jaar
stiekem in te krassen, om iemand^büit
anders te ergeren of zonder meer zicMüaar
hinderlijk op te laten vallen HeeWbëta
vroeger heeft iemand mij betrapt, tergde d
wijl ik op een net gewitte muurtweei
schreef: Wie dit leest is gek. Degene
die het las, was wel erg kwaad in elfcïn di
geval. Eerst wegkrabben en bijschü-'ETA
ren en dan weer witten. Het duurdefte n
lang voor alles weer netjes en goedge
keurd was. Daama dacht ik: En wiepvet
het doet is nog gekker.
Deze rubriek is uitsluitend bestemd voor korte reacties op in deze krant gelezen
berichten, artikelen en commentaren, en niet voor open brieven, gedichten,
oproepen of reacties op advertenties (deze laatste dienen tot de directie gericht te
worden). De redactie, behoudt zich het recht van bekorting voor Hierover ol over
het niet plaatsen (meestal door ruimtegebrek) kunnen wij helaas niet corresponde
ren. Brieven adresseren aan Secretaris hoofdredactie Trouw, Postbus 859,1000
AW Amsterdam. Bij publikatie worden naam en woonplaats van de schrijver
vermeld.