A% 1838; 1EYDSCHE "VRIJDAG, <U i'a, A il 2 6 JAN U A R IJ. '4. ar- i>* i s np NEDERLANDEN. Levden den assteir Januarij. ^aar men uit vele plaatsen de dikte van "het ijs opgeefc, rekenen wij het vniet onbelangrijk te melden, hoe dik hetzelve zich om en in deze stad be- iïndt, volgens de boring van dezen morgén;; Buiten-Galgewater 35 duim Ned. 13J duim Rijnl. Binnen-Galgewater 34 13 Bloemmarkt ••'■35 n I3Ï Turfmarkt 34g I3r Oude Vest 34 13 Men meldt uit/'s öravenhage van den 24.Januarij het volgende: Bij resolutie van Zijne Exp., den Minister van Financien, is de vraag: '„of de ordonnantie van eenen Vrederegter, waarbij de Deurwaarder van een naburig kantcrp gecommitteerd wordt, niet, op grond van art. 26, N°. 4, der wet van 16 Junlj 1832, (Staatsblad N°.29'j, op een zegel, v;an ten min ste vij.f en veertig cents moet geschreven worden?" voor eene ontkennende beantwoording vatbaar geoordeeld. - C Men verneemt, jiat, ofschoor; de Deurwaarders niet verpligt kunnen woiden, bij eenen execuiorialen verkoop, zich te doen adsisieren door ge tuigen, ajzoo hunne tegenwoordigheid op geenerlei wijzp eenige nuttigheid kan aanarengep voor eene .handeling, welke in het openbaar geschièüt, en waarbij de partij geroepen, isniet te min art. 76 van het wetooek van bur gerlijke regtspleging door hen moet worden nageleefd. Naar'men verneemt, beeft de Griffier van een vredegeregt, in strijd met het bepaalde bij het Koninglijk besluit, van 15 Junij. 1826, expeditjën ïfgegeven, zonder dat de aanwijzing der kosten in dorso van die ..stukken gevonden wordt; terwijl hij, in sommige gevallen, eene ongeteekende nota van kosten had verstrekt, zonder dezelve te specificeeren, bovendien in re kening brengende de kosten Wege.tfs het beëedlgen van eenen schatter. De Procureur Generaal bij het Hoog -öeregt'shpf, hiervan kennis bekomen heb bende, heeft.'de jdahrbij betrokken ambtenaren ernstig doen reprimanderen en hen doen aanzeggen, om zich bij de berekening hunner "jura en schrijf lvonen, aan de bestaande karieven naanwkeUrig te houden, op poene van anderzins in regten te zullen worden vervolgd. Naar men verneemt, heeft zich de Vraag voorgedaan, in hoeverre de dmbtenaren van den burgerlijken stand geacht kunnen worden verpligt te ztjnom, voor de tafels op de registers van den burgerlijken stand, zich .van afzonderlijke zegels te bedienen, dan wel of het hun geoorloofd is die tafels te schrijven op zoodanige gezegelde bladen, of gedeelten van dien, Welke in de registers, zelve nog onbeschreven zijn gebleven. 1 *Het is Zijne Exc. den Minister van Financien, bij nadere ovèfWegthg., eenigzins bedenkelijk voorgekomen de laatst bgdaeldé wufce van handelen, als eene dadelijke overtreding der we; op het z'egel ...tbesthouwen; de Mi «'ster. heeft het dus verltiesselijk geacht, dat voortaan, en dus zonder op her verledene terug te komen, van de ambtenaren van den ourgerliiken stand 'geene boeten worden gevorderd, ter zake van het bezigen, voor de bedoelde t,afels, van het nog onbeschreven'geité'elre van het gezegeld register; onver hinderd de bevoegdheid van. dezelve ambtenaren, om, bijaldien zij de tafels afzonderlijk opmaken, daarvoor zegels van kiemer 'formaat, dan van 45 cents, te gebrjiften. TcArasterdam heeft de^lgemeene collecte Maandag opgebragt, ƒ44.700. Te Rotterdam is zonder collecte.biizörüd^r voor de.peref. armen bijeen- ^gebragt eene som van 6,345, alleen bestemd om hen van kleederen en deksel te voorzien. Uit andere giften wordt aan de armen alle dagen der week warme •spijzen medegedeeld. De liefhebberij-commedie Thalia, aldaar, heeft, gé- 'dorende eene voorstellingna aftrek van de onkosten, 547 voor de alge meene armen ontvangen.' Uit Rotterdam wordt vail den 22 Januarij het navolgende gemeld: Sedert eenige dagen levert onze rivier de Blaas weder een dier verscMin. seis op, welke men maar zeer zelden ziet. De rivier voor deze stad heeft eene dikte van bijna dén Rijnlandschen voet, en heeft meer het aanzien van (een dorp, waar een feest gevierd wordt, dan van een water, dat in de ge- heele wereld beroemd is. Bïen liet voor het Nieuwe Hoofd niet eenige tentjes, maar eene geheele straat met koffijhuizen, broedertjes-, wafel-, koelt galanterie- en andere kramen, de meeste met opschriften en Nederlandsehe vlaggen.. Eenige zeer Jraaije tenten geven het aanzien van een kamp. Gisteren (Zondag) tusschen 2 en 3 ure, rekent njen, dat op eens ruim twintig duizend menschen op het jjs voorbij de Boompjes wandelden, waarbij duize'nde Schaatschenriiders en wel honderd narren-, bik- en andere sleden, waaronder extra fraaiie met •twee paarden bespannen. De toevloed der Vreemdelingen uit de Residentie en omliggende steden was zoo groot, dat men dezen dag mer eene Zatur dagsche kermis kon vergelijken. Aan eenige poortenwaar stalhouders wo. nen, was bijna door de menigte rijtuigen niet door te komen. De aanblik ts waarlijk merkwaardig 'en aangenaam. Heeft men zich met .wandelen verlustigd, dan wordt de aandacht gevestigd op de ijszeilschnitjes, welke als eenen bliksem heen en weder vliegen. De liefhebbers van vis- ■schen gaan naar de spieringtenten.; doch vooral wordt de opmerkzaamheid 'getrokken door den moeijelijken arbeid, waarmede men zich thans bezig ffioudt. om het fraaije, ingevroren schip, R/ioon en Pendrechtdoor het een voet dikke ijs, in de haven te brengen. Zoo als gezegd is, kan men niet alleen alle ververschingen bekomen, maar ook goede dinérs en soupés, en zich met allerlei spelen verlustigen. Men vleit zich, dat aanstaanden Donderdag, den 25sten dezer, tusschen één en drie ure, wanneer men voornemens is, eenen wedren en sledevaart te houdgn, eenige leden van het Koninglijk Gezin, vooral in Noordsche sieden, hier te mogen zien. jammer is hét, dat eergisteren, toenHH. KK. HH., de Zonen en Dochter van Z. K. H. den Prins van Oranjeonze stad met een.kort bezoek vereer den, het weder niet zeer gunstig was, en dat HH. KK. HH. voor het ge- Wone tijdstip, cjat men naar de Blaas gaat, vertrokken zijn. Om op de Maas te komen, betaalt ieder persoon i cent voor de armen, en de ontvangst moet gisteren bijna f 500 geweest zijn. De koude is hier 4 graden strenger dan te Amsterdam geweest, namelijk, 4 graden onder nul, naar Fahrenheit. Te Fijeuoordover Rotterdam, zal bij de reeds bestaande fabrijk voor Stoomwerktuigeneene andere worden gevoegd. Mén véroéeuu da; laatstleden Vrijdag, dés avonds ten half 10 ure, brand .ontstaan is In een oud hospitaal in het Belgisch kamp van Beverloo, het- ,wj|lk. door, de administratie over de oogzieken, mitsgaders door het depdh: en magazijn d-.er zieken was ingenomen. Binnen twee uren tijds lag allek in de aschy zonder dat men iets van den voorraad geneesmiddelen, noch van de boeken tn gelden der. administratie beefc kunnen behouden. Bovenriieii werden gr van tie 140 aanwezige zieken vijf vermist, wier-lijken op één na reeds van onder liet puin te voorschijn zijn gekomen, en bevinden er zich nog zes zieken gekwetst, waaronder drie zun die zware brandwonden heb ben bekomen. B'Ien weet niet or de brand bij den Directeur of bij den spothekgr is omstaan, die heide al. hunne have verloren hebben, doch men is verre van te denken dat die aan kwaadwilligheid zou te wijten zijn. Zondag avond is te Brussel in het paardenspel v-an Baptiite Loiietbij het spelen eener pantomime, een soldaat van liet 2de regement van linie, die onder de vertooners behoorde en een fort hielp bestormen, doodgescho. ten. Hij schijnt-geraakt geweest te ztjn door de punt van een laadstok, diè in een geweerloop was blijven zitten. O- AFRIKA. Strijdig me: "bet berigc in ons vorig nommer omtrent den cegenwoordigen toestand van Constannne en de overige Fransche bezittingen in Afrika, wordt Wet volgende door een Fnnsbh'mandie zich te Constaiuine bevindt, in de AllgZeitung medegedeeld: In een mijner vroegere beri'gcëri zeide ik, dat onze veroveringen in Afrika ons nog meer verlegenheid baten, darr onze nederlagen. Dit blij kt ook weder ten opzigte van Constantine. Achmet-Beyvan uien men beweerd had, dat Wij naar 'de woestijn ontvlugt, geheel onschadelijk gemaakt en door de zijnen verlaten was, verschijnt thans weder eenige uren van Constantine mee een geducht leger. Mij heeft op den weg naar Tunis post gevat, onderhoudc zijne gemeenschap met dat land, en verspreidt schrik onder de stammen, die zich onlangs aan Frankrijk onderworpen hébben. Want de staatkunde der Arabie ren is onveranderlijk zij zullen, ofschoon tegen hunnen zin, vóór ons zijn, zoolang wij; de'sterksten zijn en hen onder bedwang hebben; zoo niet, dan zijn zij'tegen ons en doen ons alle mogelijk kwaad aan: daar tegen bestaat geen middel. Onze zachtheid, onze philantrophie, dat wat wij tie weldaden der beschaving noemen, is voor hen een voorwerp van verachting: zij steken er den draak mede, en begrijpen niet, dat er eene andere regering bestaan kan, dan die van het zwaard. in het westen worden wij met geen mindere ongelegenheid bedreid. Abdel- Kuier weigert \*/el niet Belidali en Koleah aan óns over te geven, maar raadt ons af om ons daar te vestigen, en beweert te regt, dat wij daardoor slechts de moeij'elijkheiil en kostbaarheid "der bezetting vermeerderen zouden. Tevens Stookt lrij in hei geheim de bevolking tot tegenstand tegen ons op, herinnert haar aan de plundering van Tlemecen en de knevelarijen van hec vorige fce'uunr, en' wijst haar op het vernederende om het juk der Christenen te dragen. Overigens heeft de Maarscbalk Valïèe besloten niets te doen, ten einde de Regering te noodzaken om hem rerug te roepen'. Met de lauweren, die hec toeval hem te Constantine geschonken heeft, te vreden, gelijk met deti Maafschalks-staf, dien men hem overijld in, de hand gegeven lieefc, wil hij zijne nieuwe waardigheid niet op het spel zetten. Hij weec dat het opper bevel van Algiers de klip en hec graf van alle militaire repucatien is. Hij ziec zeer wel in, dat aldaar niets goeds ie verrigten valt, en daarom zit hij stil. Hij stoort zich aan geene bevelen van den Minister van Oorlog, en schrijft alleen over loopende dienstzaken. Te Parijs beklaagt men zich thans bitter van den Generaal IZalléè zoo 'spoedig verheven ce hebben, doch men durft hem iïiec hard aantasten.. T U R K Y E. K'onstantinopel den 29 December. In de laatste dagen hebben vreeH- selnke stormen 111 de Zwarte zee den Bosporus en de zee van B'Jarrnora gewoed en or.besclirijfeli.ik veel schade aangerigt. Vele grooce vaartuigen zijn ien gronde gegaan. .Dadeliik op deze orkanen volgde een hevige vorsr zoodat het groote kanaal bevroor, eene hoogst zeldzame gebeurtenis. De nood is groot. De. onbemiddelde bevolking van de hoofdstad lijdt aan ge voelige koude, omdat de brandstof bier zeer duur en moeiieiijk te bekomen is, zoodat veie menschen verstil ven en onderscheiden-ziekten beginnen te heerschen. DeR'egei ing tracht zon veel als mogelijk-isden drukkender! nood te verlichten, doch er is bezwaarlijk eenige verlichting aan tebrefvgeni De vlpot, welke steeds gereed was om uit te loopé'n begint men mij op hooger bevejte onttakelen. Men heeft nog geene berigten van Ie Asati- scbe kusten omtrent de verwoestingen, welke de Storm daar kon hebben aan- gerigrwoedde dezelvè echter in den Archipel even zoo als hier, zoo zal het Franscli smaldeel, dat onder den Admiraal Gallois nog altijd bij Smyrna lijsr, aan veel gevaar blootgesteld 'zijn geweest. Het schiintdat de Fransche Regering een waakzaam oog ojr de krijgs toerustingen houdt, welke, zoowel, hier aan den gang waren, a's ook door Meh med ili met groote kraent 4-erden voortgezet. Aan de Porte is de tegenwoordigheid der Fransche schepen in Smyrna hoogst onaangenaam zij heeft, zoo als reeds gemeld-is, van den Almiraal Roussin geè'ischt, dat dezelve verwijderd werd. en geeft nog gedurig dat verlangen te kennen, waaraan echter de Admiraal z-ch weinig bekreunt. tjit Persie ziin de berigten met elkander in tegenspraak. Volgens een berigt zon de Schab in groot gevaar verkeereo volgens een ander heeft hij zijne vijanden geslagen. De hie- residerende Persische Gezant betracht het diepste stilzwijgen over de gebeurtenissen in zijn land, hetgeen echter be. wjjst, dat deszeifs toestand zeker niet de beste is. SPANJE. Berigten over Parijs van den 22 januarij. Uit Btadrid wordt van den I2den een rapport van Espartero medegedeeld, van den pden dezer. Volgens een bulletin van den Generaal Latretweeden bevelhebber van het leger van het noorden blijkt het, dat die bevelhebber den 4tlen van Villa Nheva de Blena was vertrokken, met een convooi van levensmiddelen voor Baimaceda bestemd. De escorte van hetzelve bestonè uit 8 bataljons, de batterij der garde en een escadron; in weénvil der ver. hinderingen, en vooral die van de Coupure in de brng van Aria, passeerde het qonvooi de-Cadagica en rukte in Baimaceda binnen; maar men moest op wagens met levensmiddelen beladen wachten, en naar de zijde van Berröa

Historische Kranten, Erfgoed Leiden en Omstreken

Leydse Courant | 1838 | | pagina 1