iS Januirij 1785, en werd den 11 December 1812 tot Hoogleeraar benoemd. Heden zou hij dus zijn 54ste jaar van zijn voor de wetenschappen zoo nut. tig leven bereikt hebben. Wij deelen voorloopig dit treurig berigt mede, hopende, dat een zijner ambtgénootenons 111 staat zal stellen, uieer vïii den roem van dien geleerde te kunnen zeggen. AEGYPTE. De vreemde Consuls hadden den onder-Koning, volgens berigten hit Alexandrie van den nden bewogen, om in den hongersnood der arme bevol- king te voorzien, door toe te staan, dat er graan^uit vreemde hinden werd ingevoerd. Dien ten gevolge waren er reeds vele schepen uitgezeild om koren te halen. Er heerschte wederom groote bedrijvigheid in het Aegyptisch leger in Syrië, waarom de Porte bevreesd was, dat Mehemed-Ali en Ibrahim niet veel goeds in den zin hadden. Het Syriscli leger was in den loop van zes weken met 10,000 man vetsterkt. RUSLAND. Volgens nadere berigtenwegens den brand van het winterpaleis ver- neemt men, dat meest alle kostbare voorwerpen tiii hetzelve gered zijn ge- worden. Het paleis zelf was het grootste van geheel Europa. Hetzelve besloeg eene oppervlakte van 654,237 Parijsche vierkante voeten. Het pa:eis te Amsterdam bedraagt slechts 111 omtrek 66,270 voeten; het Louvre te Ha rijs eene vlakte van 275,625; het vatikaan met het Belvedere te Rome 478,900; het Koninglijlt slot met deszelfs tuinen te Munchen 291,600; het Koningiijk slot te Berlijn met deszelfs tuinen 232,320; ae Harem te Konstan- tinopel 260,100; het Keizerlijke slot met deszeils tuinen en schouwburgen te Weenen 432,000; het slot te Caserta 410,480 Parijsche vierkante voeten'; de overblijfselen der Keizerlijke paleizen ce Rome bedekken eene opper, vlakte van 365,000 Parijsche vierkante voeten, SPANJE. Berigten over Parijs van den 19 Januarij, Telegraphische Depeche. Bayonne, 12 Januarij, 4 ure-des namiddags. Espartero is den 29 December te Una aangekomen, alwaar hij zich over tuigd heeft, dat de Carlistische expeditie, in de vallei van Mena was ge. stuit geworden; hij heeft den Generaal Latre afgevaardigd om het commando over zeventien, bij Villarcaye vereenigde bataljons op zich te nemen, ten einde gezegde expeditie te vervolgen, en haar op lliskaye terug te werpen, en hij is te Miranda teruggekomen, alwaar hij zich nog den aden bevond, na 4 bataljons gedetacheetd te hebben, om zich tot den Generaal Ulibarri te llarro te voegen, met bevel om Bazilio te vervolgen, die den 5dente Ariza, zich met eene, door Cabancro aangevoerde, afdeeling van Cabrera's leger veteenigd en den weg op Madrid afgesneden heeft, van waar sedert den 2den geen renbode is aangekomen. Deze depêche bevat reeds bekende tijdingen. Uit andere berigten weet men, dat Espartero met 10,000 man te Miranda stond, doch de Carlistische expeditie geenen hinder in den weg legde. Don Car/os is naar Estella ver- trokken. Brieven uit Madrid van den 8sten melden, dat er in het zuiden eenige onlusten waren voorgevallen. In dezelve wordt het gedrag van Espartero zeer berispt. Het Ministerie verbeidde met ongeduld den uitslag der beraad, sis gingen van de Fransche Kamer der Afgevaardigden, omtrent de Spaansche «aken. De Marquis d'Espeja, die als Gezant naar Frankrijk zou vertrekken zou in handen der Carlisten gevallen zijn. Andere berigten melden echter; dat hij naar Guadalaxata vertrokken is. Uit Bayonne meldt men van den i4den, dat de Carlisten voor Balma. ceda teruggekomen zijn en die plaats moedig hebben aangevallen. Er werd verzekerd, dat Espartero, na eerst eenige mijlen boven Mirand» te zijn opgerukt, wederom op Vittoria was terug getrokken. Aan den Generaal Rodil, die zich thans te Lissabon bevindt, zou een renbode gezonden wezen, om hem het portefuillejvan oorlog aan te bieden. DUITSCHL. AND. Weenen den 10 Januarij. Eergisteren nacht ontstond een felle brand in een der huizen van het Prater, die spoedig zoodanig in hevigheid toenamdat daardoor drie gebouwen geheel afgebrand, en verscheiden anderen zwaar beschadigd zijn. Door de onvoorzigtigheid van eenen der opzieners van de bouten loots, waarin de herten gevoed worden, die aldaar met eene bran dende tabakspijp was in slaap gevallen, was deze brand ontstaan, die, uic hoofde der strenge vorst, zeer moeijelijk is te blusschen geweest. Het Hof van Weenen zou. zoo als uit Rome van den 3osten gemeld wordt, zijne bemiddeling aangeboden hebben, in de ontstane oneenigheid tusschen Prnisschen en Rome. De zoon van den Aartshertog Karei van Oostenrijk ligt te Veneris ernstig ziek. Ook bevindt zich de Aartshertogin Maria in zorgelijke om- standigheden. Volgens berigten uit Pesth van den 6den dezer was de Donau den 4den buiten zijne oevers getreden en had het lagere gedeelte dier stad en van het tegenoverliggende Ofen, overstroomd en veel schade in kelders en pakhui, zen aangerigt. Ook uit Neder-Hongarije had men treurige berigten ontvan gen wegens de door overstroomingen veroorzaakte verwoestingen. Ziet hier het uitgebreide stuk, hetwelk de Pruissisc'ae Staats-courant on der dagteekening van den 13 Januarij bevat, zijnde een schrijven van den Minister van Eeredienst, aan den Opper-President der Rhijn-provincie, ten gevolge tot de Allocutie van den Paus in een geheim consistorie, met be trekking van de handelwijze van Pruissen tegen den Aartsbisschop van Keu- len gehouden, waarvan wij in ons vorig nommer gewag hebben gemaakt: Terwijl uwe Exc. de verdere ontwikkeling der tot onzen gemeensehap- pelijken werkkring behourende kerkelijke aangelegenheden in het Aartsbis doni Keulen, ten gevolge van het door de Koninglijke Regering te Rome -egeven openingen en van het verslag door het Domkapittel derwaarts ge- etf-n, omtrent de sluiting van de ambts-bevoegdheid des Aartsbisschops wen Wnvaarding van het kerkelijk beheer door het kapittel, vol vertrou- moest wijsheid van den Pausselijken Sroelmet mu' se rciiu», zag, die opening, bij tt de uiterste bevreemding wekken, dat tie Paus, zonder roden der von het berigt van het Domkapittel af te wachten, reeds den over her gebenmaand in een geheim consistorie der Kardinalen eene rede daarna door de opei,a|f»ulen gehouden heeft, als die, welke onmiddellijk Hoe was het 'mogtm "'n 's bekend geworden, dere berigten en dagbj' vrjgen(.>i'''i.t!ns, uit de onzuivere bron van bijzon, gebeurtenis, begeleid cen ,n 'K,." gamenhang op te vatten van eene moeten stellen, zondert e omMj|nVlf>"eöe», j,aar jn bet ware licht de eenige bron, waaruit t'6 cere®[.lv',zln? of bevestiging af te wachten uit zulk eene opvatting der daa W,are z'.c'1 'ion versPreiden? Hoe vermogt den, dat hetzelve zich uitscL zoodani£ ovef het gevoel meester te wor. van leedwezen, dan als eene'2 eCne vee' minder ais eene klagt Regering klonk, aan welke hco *e.s?"MiBinR eene en vooral sedert het aar iüia K^leiDSf"e Hof reeds in de vorige eeuw, 4. gropv vertrouwen geschonken, en tot op den iaatsten tijd b(j voorkomende gelegenheden op menigvuldige wizen be- ■toonü heeft. Gaarne hadden wij die verbolgenheid toegeschreven aan de verrassing, te weeg gebragt door het eenvoudig berigt, dat de Aartsbisschop van Keulen in de uitoefening zijner ambts-bevoegdheid geschorst wis gewórden, indien ons niet. uit onze onderhandelingen met Rome békend gewéést ware, dat hec Pausselij'be Hof, naauwkeurig onderrigt van den oorsprong,'den aard en dó ontwikkeling onzer moeijeKikheden met den Aartsbisschop, de thans plaats hebbende krisis als nabij op handen moest te gemoet zien, in zoo verre de Aartsbisschop bij zijne aanmatigingen volharden en de Koninglijke Regering niet genegen zijn mogt, de sedert lang gevestigde orde der Monarchie op. zigtelijk de betrekking van deuStaat tot de Katholijke kerk en alle daarmede 'in verband staande hoogst gewigtige belangen, aan dié aanmatigingen ten offer te brengen. Aan de mogelijkheid van een zoo treurigen uitslag der se dert de maand Maart met den Aartsbisschop door de Koninglijke Regering gevoerde onderhandelingen was hier reeds lang gedacht; ook Was het Ro. meinsche Hof reeds in de maand Mei, en ten tweedemale in de tnaand Junij', wel is waar op eene vertrouwelijke wijze, tnaar niet te min zeer stellig', en, gelijk uit de akten blijkt, niet enkel mondeling, door den Koninglijke» Gezant aldaar, opmerkzaam gemaakt. Welken keer de bedoelde onderhan delingen later, in de maanden Augustus en September genomen hebben, ver* nam het gemelde Hof langs eenen weg, waaraan het zelf onbepaald ver. trouwen moest schenken, Van de stappen, waardoor de Aartsbisschop het onderwerp en den inhoud van mijne destijds met hem gehouden, vertrouwelijke briefwisseling, op eene zeer beoenkeiijke wijze heeft durven openbaar maken, hebben ópen. 'bare dagbladen, met tinne de zoodanige die met geene tnindlére aandacht aan de overzijde, dan aan deze zijde der Alpen gelezen wotÜen, net de ei - nemend publiek slechts met al te groote dienstvaardigheid oiiderrigt. Z'4 deden zulks, niettegenstaande vele andere verdraaijingen der waarheid, toch in zooverre getrouw, als zij geenen lezer daaromtrent in twijlel lieten, dat de Aartsbisschop besloten had, niet voor de uitvoering van den maatregel te wijken, maar in tegendeel de Koninglijke Regering daartoe te dringen. Op denzeltden dag-, waarop de daartoe betrekkelijke instructie aan uwe Exc. afgezonden werd, namelijk op den 15 November, ontving de toen malige Koninglijke Zaakgelastigde te Rome den las: om het Romeinscbe hof onverwijld vertrouwelijk te onderrigten van het besluit van Zijne Majesteit den Koning. Kroeger kon zulk» niet geschieden, omdat de definitive vast. stelling van het Koningiijk besluit eerst kort te voren had plaats gehad, en wel nadat men, door de ontvangst der verklaring, waarmedë de Aartsbisschop mijnen bekenden brief van 26 October, op den 3tsten dier maand beant woordde, alle hoop had moeten opgeven, dat hij de door de landswetten getrokkene en door geenen anderen Bisschop der Monarchie overschreden grenslijn zijner ambtsbevoegdheid niet langer miskennen zou. Evenmin kon evenwel ook de uitvoering van den maatregel langer verschoven worden, opdat in allen gevalle hét berigt van het genomen Koningiijk bestoft nóg voor de ten uitvoer legging te Rome zou kunnen aankomen vermits na de gebeurtenissen, welke de bovengemelde openbaarmaking van mijne vertrou welijke briefwisseling met den Aartsbisschop ten gevolge had, in het belang der openbare orde geen oogenblik te verliezen was. Zoodra nu de Koninglijke Zaakgelastigde de op 15 November aan hem af. gezondene en den 3osten dier maand te Rome aangekomen depêche ontvan gen had, haastte hij zich aan het Pauselijke Hof de hem voorgeschreven® vertrouwelijke mededeeltng te doen. Toen eenige dagen later, reeds den 4den December, bijzondere brieven en openbare dagbladen te Rome veri spreidden, dat de maatregel, waarvan de vaststelling door den Koninglijken Zaakgelastigde bekend gemaakt was, werkelijk zijne uitvoering erlangd had, was die Zaakgelastigde nog biet in staat de eigenlijke toedragt in het wptre licht te stellen, en onwaarheden te bestrijden, gelijk die, dat de Aartsbis- sehop, met groot vertoon van militaire magt uit zijnen zetel verdreven was; Alvorens hij de tot dat einde, onmiddellijk na de uitvoering van het Ko ningiijk besluit aan hem afgezonden instructien kon ontvangen hebben, moes ten de onmiddelijk van den Rhijn over de Alplten gezonden Berigten alduar ontvangen zijn. Intusschen uitte de Koninglijke Zaakgelastigde, in de z:eA kere verwachting en onder het daarop steunende voorbehoud van nadere me. dedeelingen, jegens het Romeinsche Hof vè'rtr'ó'uwe'ltjk den dringenden wensen, dat hetzelve Zoolang, tot dat het die mededeeling én het berigt van het Kettlsche domkapittel over den tegen den Aartsbisschop genomen maat regel zou ontvangen hebben en dus in allen gevalle,-slechts Voor korten tijd, zijn oordeel over deze zaak mogt opschorten of althans niet openbaarroaker. Niet minder wordt onze bevreemding geregtvaardigdbij de beschouwing van het in de Allocutie uitgesproken oordeel over onze handelwijze zelve. De maatregel, tegen den Aartsbisschop wordt daarin toegeschreven aan zijnen tegenstand met opzigi tot de behandeling der gemengde huwelijken,. als eenigen grand eis oorzaak daarvan, Intusschen weêt het Romeinsche Hot' uit vele andere klagten regen den Aartsbisschop, met name bij gelegenheid van het vaststellen der 18 theses en van zijne handelwijs omtreilt de Hoog- leeraren te Bonn, dat de, aan geene minnelijke vertoogen toegevende alge- meene aanmatiging van een met de grondwetten der Monarchie onbestaan. baar kerkelijk gezag, welke zich ten opzigte der gemengde h'uwélijksre slechts nog stelliger, en tegelijk met de verbreking van eene gedané bfelofte, geopenbaard heeft, de reden is, waarom eindelijk aan de uitoefening der imbtsverrigtingen van den Aartsbisschop een perk heeft moeten gezet w.order», Maar hetgeen in Allocutie gezegd wordt over den oorsprong der praxis omtrent de gemengde huwelijken in de westelijke provinciën, moet ons ge, voel van verbazing tot de hoogste verontwaardiging doen klimmen. Welke onbezonnenheid, welke vermetelheid ligt er in het verwijt, dat deze praxis haren oorsprong alleen te danken heeft aan de bedriegelijke handelwijze, of, gelijk op eene andere plaats gezegd wordt, aan den aandrang van het wereld, lijk gezag? Kent men aan gene zijde der Alpen zoo weinig de Regering van eenen Koning, welke gedurende 40 jiren slecht» de uitdrukking gq- weest is van zuivere waarheid, bescheiden gematigheid, en naauwgezette regtvaardigheid? Terwijl onbepaalde lof toegezwaaid en de; krans aller deug den toegekend wordt aan eenen Prelaat, die, hoe weinig men overigen» zijn privaat karakter wil aanranden, in den kring'waarin hij werkzaam was, tot bittere lclagfen aanleiding heeft gegeven ovgr ontoegankelijkheid, 'on; vriendelijkheidhartstogtelijkheid en ergdenkepdheid, dje niet geschroomd heeft het dopr eene uitdrukkelijke belofte verkregen Koninglijke vertrou. wen te misleiden en zich boven de wetten en verordeningen de» lands té plaatsen, dacht men er niet aan, dat de edele Bisschoppen, die de belan: geD hunner kerk. niet meenden te henadeeien.j wanpeer zij als vromen éti en wijzen de" eendragt met den Staat trachtten te bewaren, door dat verwjjt tevens bestempeld werden als lieden, die zich in de valjstjikken vin het We reldlijk rezag haddén laten vangen, of lafhartig aan deszelfs vorderingen dé regten hunner kerk ten offer gebragt hadden? Was het niet dezelfde, uit den aard der betrekkingen van eene gemengde bevolking, ontspruitende, behoefte ;l welke de Bisschoppen der westelijke provinciën zich met wensclien tot den Pauseliiken Stoel had doen wenden, en welke hen later, toen op hunnen wensch door het breve van 25 Maart 1836 geantwoord wasajnzette otrt zich over de practische toepassing van dat stuk, onder inachtneming der lands wetten met de staatsregeling te verstaan? Berust deze oyereenkomst-r die, wat het resultaat betreft, reeds vervat is in de békende in 1834 aan de Vicarissen-Generaal gezonden instructie op iets anders, dan op hetgeqtj sedert eene eeuw en reeds sedert langer, ongestoord in vele Duitsche lan den bij de behandeling der gemengde huwelijken beschouwd wordt ij» dg

Historische Kranten, Erfgoed Leiden en Omstreken

Leydse Courant | 1838 | | pagina 2