Finse therapie lapt mensen op Risico trombose derde-generatiepil Tassen vol pillen Gezondheid 'Succesvolle behandeling voor iedere comapatiënt' rl B y T liL MAANDAG 24 JANUARI 2000 160 ,,Aan pillen hebben we voorlopig geen gebrek", zegt meneer Dij kers, terwijl hij een grote boodschappentas met medicijnen laat zien. „Toen mijn vrouw uit het ziekenhuis kwam, ben ik de re cepten gaan halen. Met dit resultaat. Ik vroeg nog of ze zich niet vergist hadden. Maar nee hoor, dit was precies de bedoeling!" Mevrouw Dijkers hoort toe vanaf het net afgeleverde verpleeg bed. Ze is moe, maar tevreden. In september meldde ze zich op mijn spreekuur met klachten van vermoeidheid en onbegrepen spier- en gewrichtspijn. Bij bloedonderzoek vond ik afwijkingen die ik niet vertrouwde. Ge lukkig kon ze op korte termijn terecht bij de specialist. De droe ve tijding kwam al bij het eerste gesprek: De uitslag is niet goed, u heeft een ernstige ziekte onder de leden Daarna kwam ze met mij bepraten wat er nog mogelijk was. De specialist had mij inmiddels ingelicht: 'Kanker die uitge zaaid is. Helaas geen genezing meer mogelijk, maar we zullen er alles aan doen om haar zo veel mogelijk te steunen, liefst in samenwerking met u. Als ze tegenover me zitten, kan ik het nog niet overzien welke consequenties dat precies heeft. Maar we maken een afspraak elkaar regelmatig te zien, voorlopig volgen we het plan van de specialist. In fasen wordt duidelijk wat er aan de hand is: kanker in de al vleesklier. Dat verklaart de vermoeidheid en de rugpijn. Er is geen genezende therapie, maar wel een behandeling die de tu mor wat kan laten slinken. Een korte opname volgt, dan mag ze weer naar huis. Eenmaal thuis blijkt de pijn het ergste. Er is nog wel uitzicht op een paar maanden, maar de pijn sloopt haar. De specialist belooft haar situatie te bespreken in met de pijnspecialisten en oncologen van het ziekenhuis. Een oncoloog behandelt kankerpatiënten met bestraling of chemotherapie. Daarnaast begeleidt hij ze met gesprekken. Mevrouw Dijkers komt in aanmerking voor de pijnpoli, die haar instelt op medicijnen en een schema meegeeft voor thuis. „Gelukkig ben ik niet angstig uitgevallen", zegt haar echtge noot. „Ik regel het wel. De voorraad berg ik goed op. Ik heb voor weken mee gekregenWe hebben in elk geval niet tekort. Stilletjes hoop ik dat de prognose beter is dan ik dacht. Zo veel pillen geeft een specialist toch alleen mee als dat nog zin heeft? Ik heb nog geen brief ontvangen, maar voorlopig hoeven ze niet terug te komen. We maken een schema voor het innemen van de medicijnen. De eerste dagen zijn goed gegaan, mevrouw Dijkers geniet van het thuis zijn. „In het ziekenhuis was ik erg alleen, vooral in de nacht", zegt ze. „Nu kruip ik lekker in mijn eigen bed. Het bed in de kamer is er vooral om overdag uit te rusten en voor de zuster van de thuiszorg, als ze me moet helpen. Vanaf dit moment vliegen de weken voorbij. De pijn wordt er ger. Als ze zoveel pijn krijgt dat we geen raad meer weten, bel ik opnieuw met haar specialist. Die heeft direct een verklaring: „Logisch dat ze meer pijn krijgt; ze zal wel terminaal zijn.Ik zeg hem dat ik geen bericht heb gekregen van de bespreking met de oncologen en pijnspecialisten, terwijl ik er in de thuissituatie toch alles aan wil doen om mevrouw Dijkers een kwalitatief goed einde van haar ziekbed te bezorgen. Daarvoor is informa tie over haar ziekteproces en kansen nodig, en een goede sa menwerking tussen specialist en de huisarts. Het loopt tegen vakantietijd, er is minder thuiszorg. Op verzoek van haar echtgenoot vraag ik of ze een korte time-out in het ziekenhuis kan krijgen, om beide echtgenoten even op adem te laten komen. Het antivoord is verbijsterend: 'We zijn geen ver zorgingshuis!' In het ziekenhuis is wel plaats voor hightech behandelingen waarmee eer ingelegd kan worden, maar verzorging op een cruciaal moment, als zorg buiten het ziekenhuis niet voorhan den is, is een illusie. Ik haal alles uit de kast, en uiteindelijk kan ze via een begrijpende collega uit het pijnteam toch komen voor een korte opname. Een paar dagen later komt ze weer naar huis. Zonder verpleeg kundige overdracht, en de collega had kennelijk ook geen tijd om even te bellen. Haar man vraagt een visite, en als ik kom laat hij een tweede tas zien: wederom een forse hoeveelheid pil len. Wat zal ik nou doen met die andere handel?", vraagt hij. Ik neem de eerste boodschappentas mactr mee. Als ik die op de praktijk uitpak, zie ik doosjes met medicatie voor drie maan den. Helaas werkte het niet, dus is het verloren geld. Pijn be strijden vergt zorgvuldige afstemming van de medicijnen op de klachten van de patiënt. Zakken vol meegeven getuigt van wei nig zorgvuldigheid. In een laatste stadium is geen dag voorspel baar en kunnen we met veel kleinere hoe veelheden toe, zodat we ook kunnen wisse len als het effect tekortschiet. Mevrouw Dijkers wordt nog een paar dagen <£- thuis liefdevol verzorgd door haar familie en de verpleegkundigen van de thuiszorg. Uit- m. eindelijk sterft ze vredig, praktisch zonder medicatie. MARIEKE VAN SCHIE huisarts DBC-centra gespecialiseerd in aanpak chronische mg- en nekklachten REDACTIE MARGOT KLOMPMAKER EN SASKIA STOELINGA 023-51 n DBC-therapeut Cees Broers begeleidt een patiënt. Broers: „De afstelling van elk apparaat is heel belangrijk, naast de persoonlijke begeleiding. Bij ons loopt de trainer een uur lang met je mee." foto united photos de boer marisa beretta Ze zijn er niet voor mensen die last hebben van rug of nek, maar verder redelijk kunnen functioneren. Of die geholpen zijn met een massage bij de fy siotherapeut en gericht trainen op de sportschool. De DBC- centra richten zich op de 'zware gevallen', mensen die de hoop op een normaal leven hebben opgegeven. „Bij ons komen mensen die 'uitbehandeld' zijn en nog amper durven te bewe gen", vertelt Cees Broers, coör dinator van het DBC-centrum in Badhoevedorp. DBC staat voor Documentation Based Care en is ontwikkeld door de Finse arts en weten schapper Simo Taimela. Zijn methode bestaat uit een weten schappelijke aanpak van chro nische rug- en nekklachten, on dersteund met speciaal ontwik kelde apparatuur. Inmiddels zijn er DBC-centra in verschil lende Europese landen, waar onder Nederland, de VS en Azië. De centra begeleiden mensen met nek- en lage rugklachten, whiplash of bekkeninstabiliteit met behulp van een intensieve training. De centra zijn niet voor iedereen zomaar toegan kelijk De verwijzing loopt via de arbo-arts of de verzekeraar. „We zijn er in eerste instantie voor mensen die hun werk niet meer kunnen doen", stelt DBC- directeur Rinno Heidstra. Rug- en nekklachten zijn een belang rijke oorzaak van langdurig ziekteverzuim. Werkgevers is er dan ook veel aan gelegen om hun werknemer weer zo snel mogelijk aan het werk te krij gen. Dat verklaart volgens Heidstra het succes van de DBC-centra. „Binnen twee we ken na aanmelding gaan we met iemand aan de slag. En zo'n tachtig procent van de deelnemers heeft er baat bij." DBC schermt vooral met zijn uitgebreide, op wetenschappe lijk onderzoek gebaseerde be nadering. Tijdens de intake worden de Wachten geïnventa riseerd aan de hand van een ge sprek, vragenlijsten en specifie ke testen. „We brengen in kaart hoe ernstig de lichamelijke Wachten zijn en welke factoren daarin een rol spelen. Daarbij Wjken we ook naaf de omstan digheden op de werkplek en de situatie thuis", verWaart Heids tra. Vervolgens wordt een indi vidueel trainingsprogramma opgesteld. „Op trainingskaarten wordt alles bijgehouden. Dat is niet alleen van belang voor de progressie, maar ook voor de patiënt zelf. Die vergeet vaak wat zijn grootste Wacht was toen hij begon en denkt soms ten onrechte dat hij niet vooruit is gegaan." Wat de DBC-aanpak onder scheidt van overige behandel methoden is volgens DBC-the rapeut Broers de doelgerichte aanpak. „Ik ben zelf ook fysio therapeut van oorsprong, maar wat bij DBC gebeurt gaat veel verder dan massage en manue le therapie. Fysiotherapeuten richten zich vaak op de gevol gen van een probleem en pro beren iemand van zijn pijn af te helpen. Hun behandeling is over het algemeen vrij passief. Wij pakken de oorzaak aan en proberen de functie weer te herstellen. Bij ons leren men sen opnieuw hun rug of nek te bewegen. Meestal nemen de Wachten dan vanzelf af. En met de Wachten die overblijven kunnen de meeste mensen be ter omgaan." In de training spelen speciaal ontwikkelde apparaten een gro te rol. Heidstra: „Wat wij hier aan apparatuur hebben staan is ook niet te vergelijken met wat je in deLsportschool vindt. Alles is ontwikkeld om op een veilige en nauwkeurige manier bewe gingen te trainen." Broers de monstreert enkele apparaten. „De afstelling van elk apparaat is heel belangrijk, naast de per soonlijke begeleiding. Bij ons loopt de trainer een uur lang met je mee. Alles gaat met heel Weine stapjes. Bij gewone fit- ness-apparatuur gaat het al gauw om krachttraining. Als mensen met ernstige Wachten daarmee gaan trainen raken, ze overbelast. Ze moeten eerst in staat zijn om weer normaal te bewegen. Maar juist dat kun nen ze niet meer. Wij proberen hun angst voor bewegen weg te nemen." Niks te na van sportscholen of fysiotherapeuten, stelt Heidstra met nadruk. „De meeste men sen met lichte rug- of nekklach- ten kunnen prima terecht bij hen terecht. Wij zijn er voor die groep die geen baat heeft bij al gemene training. Het is onvoor stelbaar hoe verstijfd en ver krampt mensen kunnen raken. Soms slikken ze al vijftien jaar lang pijnstillers en durven zich amper te bwegen." De meeste deelnemers volgen een programma van zo'n drie maanden met elke week twee keer een uur training. Het me rendeel wordt verwezen door de bedrijfs- of verzekeringsarts. De kosten (gemiddeld 4000 gul den) worden deels vergoed door de werkgever en deels op basis van de wet REA (Reïnte gratie arbeidsgehandicapten). In sommige gevallen zijn zorg verzekeraars bereid om de trai ning voor een deel te vergoe den. „Uit onderzoek blijkt dat zo'n driekwart van het aantal men sen die bij ons zijn behandeld na afloop weer kan werken", vertelt Broers. „Ook de patiën ten zelf zijn tevreden. Meer dan 90 procent geeft aan dat ze baat bij de behandeling hebben ge had. Ik vind dat een heel hoge score, temeer daar deze men sen vaak al van alles hebben ge probeerd." (Er zijn DBC-centra in Assen, Groningen, Enschede, Vlaardin- gen, Alkmaar, Leusden, Zoeter- meer en Badhoevedorp. Meer informatie: tel. 0900 - 202 0066) MARGOT KLOMPMAKER Vrouwen die de nieuwste soort anticonceptiepil len slikken, hebben meer kans op trombose dan vrouwen die een ouder type pil gebruiken. Dat concludeert de Amsterdamse interniste SasWa Middeldorp (33) uit een bijna vier jaar durend onderzoek naar de pil en trombose. Reden voor paniek is er volgens de arts van het Academisch Medisch Centrum (AMC) echter niet. De nieuwste, zogenaamde 'derde-generatiepil' zorgt vaker voor bloedstolsels in de grote aderen dan die van de tweede generatie. Die laatste kwam in de jaren zeventig op de markt nadat bleek dat de eerste-generatiepil te veel van het hormoon oestrogeen -een dikmaker- bevatte. In de tweede-generatie pillen zat daarentegen weer progesteron, dat hart- en vaatproblemen (slag aderlijke trombose) kan veroorzaken. De derde pil bevat een ander soort progesteron en wordt daarom ook wel de lichte pil genoemd. Maar hoewel deze pil lichter is dan de tweede-genera- tiepil, is de kans op veneuze trombose groter, concludeerde Middeldorp. Drie jaar geleden werd dit ook al gezegd, maar dat was toen uitsluitend gebaseerd op statistisch onderzoek. Middeldorp zocht door en kwam met een risicoanalyse. Daardoor is voor het eerst een wetenschappelijke grond voor de stelling. In 1995 werd de derde-generatiepil vanwege dit risico uit de handel genomen. „Er ontstonden ongewenste zwangerschappen. „Het aantal abor tussen zag je met de dag groeien", zegt Middel dorp. „De farmaceutische industrie deed er alles aan om deze pil weer op de markt te krijgen. Er werd fel gediscussieerd over de risico's. Maar nie mand wist het zeker." In 1997 schreef de Maastrichtse biochemie- hoogleraar J. Rosing in het N gerenommeerde medisch tijdschrift The Lancet dat de lichte pil (met als belangrijkste merknamen Marve- lon, Mercilon en Fe- een) de bloedstolling verklaring had hij niet, en op deze studie kwam veel kritiek. Middeldorp: „Wij zijn toen samen met de univer siteiten van Maastricht en Utrecht dertig vrou- verstoorde. Een wen gaan onderzoeken. Die kregen in willekeuri ge volgorde twee maanden de ene pil, daarna twee maanden niets en vervolgens twee maan den de andere pil. Er werden op gezette tijden bloed- monsters afgenomen. Daaruit bleek inderdaad dat de derde-generatiepil de stolling meer ver stoort dan de twee- de-generatiepil." „Wij hebben de be weringen van Rosing uit 1997 wetenschap pelijk hard kunnen ma ken. Vier van de 10.000 vrouwen die de derde- 1 generatiepil slikken, blijken nu trombose krijgen. Voor de oudere pil dat twee op de 10.000 vrouwen een trombosebeen of longembolie oplopen, als ze geen erfelijke afwijking hebben. We zijn blij met deze risico-analyse. Er waren al aanwijzingen dat de nieuwste pillen een groter risico op trombose gaven, maai hoe groot dat risico was, wist tot op heden niemand." De nieuwste pillen geven wel een kleinere kans op een slagaderlijke trombose, een hartaanval, dan de tweede-generatiepil. Maar bij jonge vrou wen komt slagaderlijke trombose toch al haast niet voor. Als er al een bloedpropje ontstaat, dan is dat vaak in de grote aderen van de benen of de bekken, de zogenoemde veneuze trombose. Middeldorp heeft ook genetische afwijkingen on derzocht, die het risico op trombose verhogen, zoals de erfelijke afwijking 'factor V Leiden'. Vrouwen met die afwijking hebben een kans van een op de tweehonderd op trombose. „Voor ons is dat aantal niet de moeite waard om hele fami lies te screenen", vindt Middeldorp. „Dan zaai je alleen onrust. Vrouwen zullen mogelijk met de pil stoppen, en dan ontstaan er ongewenste zwangerschappen. Bovendien kunnen zij proble men krijgen met het afsluiten van een hypotheek of een arbeidsongeschiktheidsverzekering." Middeldorp is door de Nederlandse Hartstichting aangesteld om de komende vier jaar samen met de academische ziekenhuizen van Groningen en Maastricht onderzoek te doen naar andere gene tische afwijkingen, die in combinatie met de pil de kans op trombose verhogen. DIJ LAN VAN VLIMMEREN Iedereen in Nederland moet aanspraak kunnen maken op een behandeling die de grootst mogelijke kans biedt op herstel van een coma. Deze zeer intensieve thera pie, waarbij de patiënt on der meer prikkels krijgt toe gediend, wordt nu alleen toegepast in de revalidatie- kliniek Leijpark in Tilburg en in verpleeghuizen in Ca- pelle aan de IJssel, Zeist en Zuidhorn (Groningen). De belangrijkste ontwikkelaar van de methode, de Tilburg- se neuropsycholoog Henk Eilander, vindt dat zijn werkwijze voor alle coma patiënten beschikbaar moet komen. Volgens hem blijkt uit con tacten met ziektekostenver zekeraars dat die bereid zijn de mogelijkheden voor blij vende financiering te onder zoeken. Dit moet echter nog nader worden overlegd met het ministerie van volksge zondheid. Vier jaar geleden dreigde de 'methode Eilander' wegens geldgebrek nog te stranden. De verzekeraars wilden de geldkraan dichtdraaien, omdat het succes van de behandeling niet echt dui delijk was. Na een grote geldinzameling kon de Til- burgse revalidatiekliniek de behandelingen voortzetten. Voorwaarde was wel dat ge degen onderzoek moest uit wijzen of de methode resul taat heeft. Bij patiënten die door een ongeluk, verdrinking of ziekte in een coma zijn ge raakt, is het functioneren van de hersenstam aange tast. Die regelt lichaams functies als het waak- en slaapritme, de ademhaling, de lichaamstemperatuur ed de stofwisseling. Het is vaft vitaal belang dat deze weêr zo snel mogelijk op gang worden gebracht. Via de methode-Eilander wordt eerst een normaal waak- en slaapritme hersteld en wordt de patiënt ook op re guliere tijdstippen gevoed Dat brengt tevens de vaak slechte lichamelijke conditii van comapatiënten weer orde. Daarnaast worden prikkels toegediend om hè bewustzijn op te wekken. Ruim de helft van de patiëi ten die de afgelopen twaal jaar volgens de herstelthefè pie zijn behandeld, is weer volledig bij bewustzijn. Een opmerkelijk resultaat, afge zet tegen de twintig proceti die de traditionele 'behan delmethode' - die bestaat uit niets doen - oplevert. Ei lander begrijpt niet waaroir: het zoveel moeite kost zijn therapie landelijk ingevoen en gefinancierd te krijgen. „Op de afdelingen voor in tensive care van ziekenhui zen worden voor de behan deling van slachtoffers van ongelukken kosten noch moeite gespaard. Voor hun vervoer worden soms pe perdure traumahelikopters ingezet. Maar als de patiënt niet snel uit zijn coma bij komt, wordt hij min of mee aan zijn lot overgelaten. Af wachten is dan alles wat men nog doet." HANS SONDERS Te korte penicillinekuur Huisartsen hebben de nei ging bij keelontsteking steeds kortere penicilline- kuren voor te schrijven. Maar een 'ouderwetse' ze vendaagse kuur verdient voor volwassen patiënten met een ernstige keelontste king de voorkeur. Die maakt hen zelfs anderhalve dag sneller beter dan tot nu toe werd aangenomen. Dat blijkt uit onderzoek dat huisarts S. Zwart heeft uit gevoerd samen met het Universitair Medisch Cen trum Utrecht. Doorgaans verdwijnt een keelontste king spontaan binnen een week. Bij een ernstige ont steking (angina), veroor zaakt door streptokokken A is een penicillinekuur al vijl tig jaar een probaat middelJ De tendens is dat huisartse een steeds korter durende kuur voorschrijven. Uit Zwarts onderzoek blijkt echter dat een experimente le kuur van drie dagen niet effectief is en zelfs de kans verhoogt dat de ontsteking binnen een half jaar terug keert. Aan het onderzoek werkten 561 patiënten en 3 huisartsen mee uit de regio Zwolle. Eiwit remt werking tamoxifen Als in een borsttumor een speciaal eiwit veel voor komt, werkt een behande ling met tamoxifen minder goed. Daardoor is de kans groter dat de ziekte sneller terugkeert. Tamoxifen is een hormonale behandeling die vaak wordt toegediend als het kankergezwel uit de borst is verwijderd om eventuele uitzaaiingen te voorkomen of af te rem men. In tegenstelling tot chemotherapie wordt tam oxifen goed verdragen en kent weinig bijwerkingen. Dit blijkt uit een onderzoek van het Academisch Zieken huis Rotterdam (AZR). De resultaten zijn gepubliceerd in het Amerikaanse tijd schrift Journal of the Natio nal Cancer Institute. Tot nu toe was niet bekend wat de oorzaak is van de ongevoe ligheid bij sommige vrou wen voor tamoxifen. Het BCAR1-eiwit komt van een bepaald gen, dat ieder een heeft. De onderzoekers weten nog niet waarom in sommige tumoren veel van dit eiwit zit. „Het eiwit is niet gekoppeld aan de per soon. maar aan de aard van de tumor. Er bestaan ver schillende soorten tumor cellen, die soms zelfs in één nd. 1% .du erp ling Pathologie van het AZH^sef Meer onderzoek is nodig om te kijken waarom het ei we wit in bepaalde kankercel len voorkomt. Dorssers onderzoeksgroep heeft samen met Interne Oncologie van het AZR meer dan negenhonderd morweefsels onderzocht bij patiëntes waren verwij derd. Daaruit bleek dat vrouwen bij wie een hoog gehalte van dit eiwit in de tumor zat, minder goede respons hadden op de be- daa handeling met tamoxiferf. Bel« Zij hadden meer last van uitzaaiingen waardoor de kans op genezing terug loopt. Belangrijk aan dit onder zoek is dat voortaan snellei kan worden ingeschat of tamoxifen zal helpen. „Dat kan voor een andere metht de worden gekozen. Maar omdat er weinig behande lingsmogelijkheden zijn, blijft het altijd zinvol om tamoxifen te proberen", zegt Drossers. Borstkanker is een van de meest voorkomende soor ten kanker bij vrouwen. Bi} na een op de tien vrouwen krijgt de ziekte. De helft vSn hen heeft uitzaaiingen, dit kunnen worden terugge drongen met tamoxifen of chemotherapie. Kruiswoord-min-een Niet het gevraagde woord invullen, maar een woord dat bestaat uit de letters van het gevraagde woord in dezelfde volgorde min 1 letter. (B v. Omschrijving "dierenverblijf" Antwoord zou zijn "stal", maar ingevuld moet worden "sta"of "tal". Welke van die twee het moet worden, moet blijken uit de kruisende woorden.) Horizontaal: 1 Herkauwer; 5. ongebleekt; 7 omkomen; 8. Javaanse dolk; 9. strand bij Venetië; 11 standaardmaat; 14. glansverf; 16. vlug; 17. bewijsstuk; 18 gevierd actrice; 19. energie; 20. kookgerei; 22. zitje bij een café; 25. zwart afzetsel; 27. bloem; 29. opstandig; 30. wandpilaster; 21. vlek. Verticaal: 2. Maand v.h. jaar; 3. ijverig; 4 buitenmuur; 6. advies, 8 haarlok; 9. laag; 10. zwaardwalvis; 12. verlaten; 13. opbergmap; 15. beleid; 16. onheil; 19. wrang; 21. nalatig; 22. ogenblik; 23. treurig; 24. woonplaats; 26. strijkijzer; 28. smeermiddel. Oplossing van zaterdag: HORIZONTAAL: 1. Mum; 3. pon; 6. es; 9. ni; 10. door; 12. oase; 14. nonna; 16. consensus; 19. no; 20. en; 21. federatie; 26. image; 27. sago; 29 Oran; 31. il; 32. cd; 33. Est; 34. Ate. VERTICAAL: 1. Medoc; 2. uso; 4. ons; 5. Niers; 7. tros; 8 Bonn; 11. onnodig; 13. aaseter; 15. ne; 17 one; 18. uni; 21. fusie; 22. emoe; 23. ra; 24. agon; 25. einde; 28. als; 30. act. ie d

Historische Kranten, Erfgoed Leiden en Omstreken

Leidsch Dagblad | 2000 | | pagina 16