Extra Rijksluchtvaartschool nu van KLM De Friendship heeft vrienden voor het leven Maandag 23 september V. Redactie: 023-150239 Pt ET BERGHUIS Vormgeving: ESTHER NUPEIS 27 'Propellers moeten je wat zeggen, het geluid moet je wat doen Luchtvaartmaatschappij hoopt met 'koopje van een gulden' pilotenbestand te waarborgen naar vliegers (met uitzondering van de Golfoorlog-pe riode). „Als de markt onder druk stond, zag je dat de KLM de char termaatschappij en afroomde op zoek naar piloten; de chartermaat schappijen zoch ten op hun beurt weer onder lucht machtpiloten zo dat defensie met behoudpremies moest werken om hun bemanning op peil te houden. De chartermaat schappijen trok- Het pronkstuk van de RLS, ken ook aan onze die elke vliegbeweging tot instructeurs," al dus De Koff. Internaat De opleiding is intensief („Ach, wat is in tensief," vindt De Koff) alleen al omdat de leerlingen tijdens de twee jaar in het inter naat binnen de poorten van de RLS annex KLS bivakkeren. Streng ook. „De opleiding staat of valt bij motivatie. Kijk, je mag wel eens een examen missen, maar de tweede keer ga je onherroepelijk van school af." De selectie voor de toelating is scherp en dat moet ook, want van de ongeveer 1000 aanmelders mogen er uiteindelijk maar 40 overblijven. Stevige psychologische en me dische onderzoeken, alsmede technische vaardigheidstesten Wie een talenpakketje op zijn middelbare- schooldiploma meetorst hoeft zich bij voor» baat geen illusies te maken. „En de ervaring leert ook dat ex-HAVO-leerlingen het heel zwaar hebben," aldus de Koff. Leerlingen worden, niet alleen in hun oplei ding maar ook tijdens hun carrière, inten sief gevolgd om te zien of de selectiecriteria nog wel 'up to date' zijn, of dat sommige onderdelen overboord kunnen. „Het is een kostbaar systeem," geeft De Koff toe, „maar het afvalpercentage is ont zettend laag. Bijna iedereen wordt captain, - Bij buitenlandse maatschappijen is het af valpercentage veel hoger. Door de lagere selectiecriteria." Een van de prijsopdrijvers is het internaat. In het bedrijfsplan dat het bureau Twijnstra en Gudde momenteel voor de KLS opstel len om tot een gezonde bedrijfsvoering te de grote simulator van de Cessna Citation, in de perfectie nabootst foto efg komen, zal het internaat ongetwijfeld onder de loep worden genomen. De Koff: „Maar op zich is het internaat prima. De begelei ding, en ook de controle, is zo optimaal. Er zijn al veel dingen afgeschaft die we vroeger normaal vonden. Het was bij voorbeeld heel gewoon dat de leerlingen, gehuld in uniform, bij het avondeten bediend wer den. Onidat dit later in de praktijk ook het geval zou zijn. En wij letten op of de schoe nen wel waren gepoetst, of ze op tijd in bed lagen, dat ze op tijd naar de tandarts gin gen, dat er een dokter kwam bij ziekte. Alles werd voor ze geregeld, van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat. Nu laten we dat aan hun zelf over." Toch behoort het toezicht niet helemaal tot het verleden. „Je hebt natuurlijk niet te ma ken met studenten die na een avond vol kroegen doorzakkerig in de collegebanken kunnen hangen. Hier moeten ze in een vliegtuig stappen, dan ligt de maatstaf toch anders." Stelregel is dat er vanaf twaalf uur voor een vlucht geen druppel alcohol mag worden gedronken. „En bij zwaar drinken is die periode nog veel langer." aldus De Koff. Volgens De Koff wordt het lastig om, in naam der efficiency, het internaat te sluiten en de leerlingen voor hun eigen onderdak te laten zorgen. „In de nabije omgeving is niets. En Groningen heeft een enorm over schot aan kamerzoekers. Bovendien is het onhandig om de leerlingen op zo'n afstand te hebben zitten. Leerlingen moeten vaak la minute beschikbaar zijn, want we zijn voor de vluchten enorm afhankelijk van de weersomstandigheden. En die wisselen nogal eens in Nederland." De KLM zit sinds 1 juli niet langer voor een dubbeltje op de eerste rang. Of liever: in de cockpit. Op die nam de vliegmaatschappij de Rijksluchtvaart school (RLS) te Eelde over van de overheid. De Koninklijke moest wel. Het rijk gaf al jaren geleden te kennen af te willen van de geldslurpende oplei ding, pilotenleverancier bij uitstek. De klant moést dus wel eigenaar worden om een doorlopende leverantie van - letterlijk en figuurlijk - hoogvliegers te waarborgen. ook achter de schermen. In april werden de ongeveer 140 werknemers van de RLS ont slagen als ambtenaar, om vervolgens een nieuw arbeidscontract te tekenen voor de BV die KLM-Luchtvaartschool (KLS) heet. De KLM heeft de RLS voor het symbolische bedrag van één gulden van de overheid kunnen kopen. Volgens directeur E.G. de Koff van de RLS is er nooit een moment ge weest dat er over 'echte' overnamekosten is gesproken. „Nee. De discussie ging eerder over de vraag hoeveel de KLM van de over heid moest meekrijgen. We spreken hier De (tweejarige) pilotenopleiding kost van daag de dag het lieve sommetje van 420.000 gulden, waaraan de KLM telkens maar 40.000 gulden hoefde bij te dragen. Na de overname, als de RLS KLS heet, betaalt de KLM twee ton en gaat de eigen bijdrage van de goedverdienende vlieger in spé fors om hoog, tot anderhalve ton. De overheid doet er, de eerste vijf jaar, de rest bij. Voor die periode heeft het huidige personeel ook een werkgarantie op zak. Militaire basis Het was dr. A. Plesman die als KLM-direc- teur in oktober 1945 becijferde dat zijn maatschappij binnen drie jaar zo'n 250 pi loten te kort zou komen. En dus werd op 1 januari 1946 de Rijksluchtvaartschool opge richt. De burgervliegers werden tot 1954 klaargestoomd op de militaire basis van Gilze-Rijen. In dat jaar verhuisde de RLS naar Eelde bij Groningen, waar een scho lencomplex was gebouwd. De huidige RLS en aanstaande KLS beslaat tien hectare Drentse grond, naast de lucht haven Eelde. Jaarlijks levert de school rond de 40 verkeersvliegers af, plus een aantal vlieginstructeurs. Verder worden er marine- jachtvliegers en helikopterpiloten omge schoold, evenals boordwerktuigkundigen - een uitstervend ras in het computertijd perk. Vanaf haar geboorte heeft de school al meer dan 1300 verkeersvliegers afgeleverd. De leerlingen gaan de lucht in in eenmoto- rige Bonanza's en Cessna's en uiteindelijk in de tweemotorige Cessna Citation. Het paradepaardje van de opleiding is de pe perdure en indrukwekkende simulator, die de cockpit-omstandigheden van een Ces sna Citation tot en met de geringste turbu lentie kan nabootsen. Niet van echt te on derscheiden. Simuleert het apparaat een start dan moeten de gordels ook echt vast om niet tegen de grond te gaan; en dat alles voor 20 miljoen gulden. r een opleiding waar veel geld bij moet." „We hebben behoefte aan een kwalitatief hoogwaardige opleiding, eentje zoals de RLS nu is. Continuïteit is daarbij noodzaak. Vandaar dat we zelf de school hebben over genomen," aldus een KLM-woordvoerder. Hij beaamt dat zijn maatschappij jarenlang goedkoop aan zijn piloten is gekomen, ze ker in vergelijking met buitenlandse 'vlag- maatschappijen' als Air France, Lufthansa, British Airways enzovoort, die allang ton nen moesten neertellen. Het draaiend houden van een vliegschool draagt met name risico's in zich omdat de vraag naar piloten meeschommelt met de niet al te stabiele luchtvaartmarkt. De Golf oorlog gaf een enorme 'dip'. „Maar nu zijn er weer verkeerspiloten te weinig," aldus De Koff. „Als de huidige groei doorzet dan winter worden geholpen," aldus De Koff. „De rekening komt dan bij de KLM en die zal in zo'n geval niet mis zijn." Ook niet mis is de eigen bijdrage die voort aan van leerlingen wordt verlangd: 150.000 gulden. Onbillijk is die bijdrage echter ook weer niet. Een gebreveteerde verkeersvlie ger ontvangt immers een meer dan aardig salaris. „Problemen zouden wel ontstaan als een leerling onderweg zou afvallen en dus zijn lening voor de opleiding niet kan terugbetalen. Daarom is een garantiefonds in het leven geroepen dat de afvallers daar in moet bijstaan," aldus De Koff. Capaciteit Waarschijnlijk levert de KLS jaarlijks voort aan meer vliegers af dan de RLS dat deed. Het aantal gediplomeerden stijgt gemiddeld van 40 naar 60, „met een mogelijke piek van 80," schat De Koff De verhoging van het aanbod sluit aan op de groeiende vraag Ontslag De privatisering brengt een hoop romp slomp mee. Uiterlijk (andere huisstijl) en De instructeur houdt achter de monitor contact met een leerling in de Cessna-simulator. „Wat is oud? De duvel is oud", aldus een oud volksgezegde. Vier jaar geleden werd de laatste Fokker F27 gebouwd, dus dat is nog een tamelijk nieuw vliegtuig. Zeker in het licht van het bijna legedarische lange le ven van dit Nederlandse produkt. Een van de prototypen, de F3, vliegt nog dagelijks pakketten in dienst van de Duitse maat schappij WDL De oprichters van de in 1987 opgerichte F27 Friendship Association wa ren er dus vlug bij om de machine voor het nageslacht te bewaren. Fokker heeft de nu door de KLM afgedankte F27 teruggekocht om hem vervolgens door te verkopen aan een van de zich voor dit vliegtuig verdringende maatschappijen. Want het toestel is in zijn soort zeer gewild. Er vliegen er nu nog meer dan vijfhonderd bij een kleine 130 luchtvaartondernemin gen. Hij mag dan uit produktie zijn, je kunt am per spreken van 'zijn nadagen'. En dat is dan ook bepaald niet het beeld dat de ope rators graag zouden zien van hun vliegtuig. De oorspronkelijke naam van de stichting F27 Friendship Association werd in die we reld dan ook verafschuwd: 'Friendship His torical Society'. „Daar hadden ze natuurlijk groot gelijk in", geeft de vice-voorzitter van de stichting, Michael Zwartele (32), volmondig toe. Hij is medewerker van de centrale kwaliteitsafde ling van Fokker. „Dat 'historische' moest er af, want, zo zeiden de operators, wij verdie nen dagelijks ons brood met deze kisten en we hopen dat nog heel lang te doen". Zwartele is een warm pleitbezorger van de Fokker F27 en van zijn 'Friendship Club' zoals de stichting ook wel wordt betiteld. Zijn grootste wens is een vergaande samen werking tussen de tamelijk talrijke histori sche vliegclubs en de twee luchtvaartmusea in Nederland. Een greep: De Dutch Dakota Association, de Duke of Brabant Air Force (die met de Mitchel bommenwerper vliegt), de Vliegsport Gilze-Rijen, de Historische Zweefvliegers, De Fokker Four, de Dutch Spitfire Club, de Stichting Constellation Club Nederland en de musea Aviodome en Soesterberg (militaire luchtvaart). Zwartele: ,,A1 deze organisaties hebben be sloten een samenwerkingsverband aan te gaan. Er is een Nationaal Overleg Histori De KLM heeft afscheid genomen van haar laatste Fokker Friendship. Vorige maand maakte de enig overgebleven F 27 City Hopper zijn laatste opera tionele vlucht naar Eindhoven. Aan boord een groep genodigden, onder wie ir. Jo Cornelis, een van de ontwerpers van Fokkers succesvolste vlieg tuig en inmiddels met pensioen. Een andere gele genheidspassagier was Peter de Raaf, voorzitter van de Stichting F27 Friendship Association. Deze club van 350 stichtingdeelnemers zal de F27 tot in lengte van dagen voort laten leven. Want de Friendship heeft sinds zijn geboorte 35 jaar gele den, luchtvaarthistorie geschreven. Vooral omdat het het eerste aluminium verkeersvliegtuig in de wereld was, dat niet met klinknagels maar met lijm bijélkaar werd gehouden. En juist daaraan ontleen de het zijn uitzonderlijke lange levensduur lijk werd, dat de F27 zou worden opgevolgd door de F50. „De Frienship weg? Dat kan zo maar niet, zeiden enkele Fokker medewerkers in 1986. Peter de Raaf en Paul Moreu hebben toen het initiatief genomen om een club op te richten. Het idee sloeg aan. Een aantal van de mensen van het eerste uur voelde zich so wieso aangetrokken tot het vlieg tuig. Je moet er nu eenmaal een zekere liefde voor hebben. Propel lers moeten je wat zeggen, het ge luid moetje wat doen. De band die we met Fokker hebben spreekt ook een woordje mee. In april 1987 werd de stichting opgericht". sche Luchtvaart opgericht, dat het aan spreekpunt moet worden voor alles wat er op dit gebied gebeurt in Nederland. We kij ken uit naar een centrale plek, waar we alles zouden kunnen concentreren. De vliegbasis Soesterberg is uitstekend geschikt. De ver anderde NAVO-strategie als gevolg van de ontspanning tussen Oost en West schept wat dit betreft goede mogelijkheden. Je kunt in vredestijd een vliegbasis slapende houden en voor andere doeleinden inzet- „Zowel het Aviodome op Schiphol als het militaire luchtvaartmuseum in Soesterberg zitten op een moeilijke plek. Het Aviodome is zijn parkeerplaats al kwijt aan nieuw bouw", zegt Zwartele. „Ik weet niet wat ze er in Soesterberg van vinden. Ze weten daar intussen wel in welke richting wij denken. Het wordt tijd dat we ook financiële onder steuning van de overheid krijgen. De Friendship is van groot historisch belang en dat moet in onze ogen koste wat kost be waard blijven. Als er in Nederland drie ton op tafel kan komt voor een kunstuiting die bestaat uit het doorzagen van een schip om het vervolgens weer in elkaar te lassen, dan misstaat het voor de overheid zeker niet om bij te dragen aan het bewaren van dit prachtig stuk Nederlands erfgoed". Hoe belangrijk dit is, heeft een aantal men sen bij Fokker zich gerealiseerd toen duide- Eigen vliegtuig „We doen van alles, maar we hebben zelf nog geen vliegtuig. We hebben ook geen ei gen honk. Toch hebben we 350 betalende deelnemers in de stichting. Dat zegt wel wat over het enthousiasme dat er voor de Friendship bestaat. We zien elkaar natuur lijk regelmatig bij Fokker, want verreweg de meesten werken daar. Maar toch is een ei gen onderkomen hard nodig. Vooral als we mensen willen ontvangen. Fokker geeft ons een fantastische ondersteuning, maar heeft een hekel aan pottekijkers in het bedrijf'. Dat eigen vliegtuig en dat eigen onderko men komen er. Daar is Zwartele heilig van overtuigd. „Het gaat natuurlijk niet om een pond pe ren. Er zijn al gauw tonnen, zo niet een half miljoen met de aankoop van een kist ge moeid. Ik denk dat het alleen lukken kan als je werkt in een omgeving als de onze. Bij ons gaat het zo: We zoeken mensen die ge specialiseerd zijn op bepaalde gebieden en bovendien bereid zijn om buiten werktijd voor de club nog wat energie in die speciali satie te steken. Niet iedereen heeft daar na melijk zin in. Maar wij hebben de juiste mensen toch gevonden. Dat geldt zowel op het gebied van tijdschriftenmakers als op het gebied van stickers en foto's. Ja, zelfs geldt het voor verzekeringsexperts. Zo heb ben we technische en marketingmedewer kers en natuurlijk piloten". „Een werkgroep van deskundigen kijkt voor ons uit naar een Friendship. Zij rapporteren aan het bestuur: Daér staan kisten te koop, dat kosten ze en zó kun je de zaak financieren. Wat ons op dit moment in de kaart speelt is dat de hele vliegtuigmarkt wat terughoudend is. Over de hele we reld staan nu zo'n twintig dertig Friendships te koop binnen het gebied waarin wij zoeken. En dat zijn vooral de wat oudere versies. We willen een zo oud mogelijk toestel. In feite hebben we onze zinnèn gezet op de oude F3, die nu nog in Duitsland voor de WDL vliegt. Het is een van de twee prototypen van Fokker geweest en dat is nog goed te zien. Er zit nog een aantal puur handge maakte onderdelen in. De serieproduktie was in die jaren nog niet op gang geko- Maar WDL wil het Michael Zwartele voor een Friendship F27: „Het is geen pond peren, waar je het over hebt" vliegtuig nog niet kwijt, hoewel de Friendship Club het niet opgeeft. „Op het moment dat WDL een Fokker 50 wil kopen en de oude F3 wil inruilen, zitten we goed. Fokker wil dan wel de gelegenheid schep pen dat we de machine op een redelijke manier kunnen Wapenfeiten De F27 Friendship Association heeft on danks haar korte bestaan al flink wat wa penfeiten op haar naam staan. De eerste activitejt was het in 1988 organiseren van een tentoonstelling met de naam The Friendship Story. „Toen hebben we de stunt uitgehaald om een F27 voor het Avio dome op Schiphol neer te zetten. We had den er de lucht van gekregen dat er een bij de KLM Bedrijfsschool stond, die door Fok ker was uitgeleend. Het was het prototype van de maritime versie en het diende als sleutelobject. We hebben net zo lang gelob- byed en geleurd tot we hem kregen. Vliegen kon hij niet meer. Met behulp van gepen sioneerde Fokkermedewerkers hebben we hem gerestaureerd. We kunnen altijd een beroep doen op de Vereniging van Oud Fokker Employees, de VOFE. Die mensen brengen een enorm stuk vakkennis er erva ring mee, juist op het gebied van de oudere typen.". Maar daar is het niet bij gebleven. In 1989 werd met drie Fokkers deelgenomen aan de Lelystad Airshow en een jaar later werd het seerd. Met een herdenkirigsvlucht van vijf in formatie vliegende machines werd de al lereerste vlucht van de Friensdhip op 24 no vember 1955 in herinnering teruggeroepen. „Dit jaar hebben we de F27 Fly-in gehou den op de Lelystad Airshow, een publieks gericht evenement. Dat was een groot suc ces. Over publiciteit hebben we niet te kla gen gehaa. Dat kwam ook doordat de F27 van de Spaanse marine een klapband kreeg. De piloot loste dat bekwaam op. Het viel al lemaal erg mee, maar in de kranten werd de zaak flink opgeklopt. Op zichzelf leverde dat voor het vliegtuig en voor ons gpen verkeer de publiciteit op. Integendeel".

Historische Kranten, Erfgoed Leiden en Omstreken

Leidsch Dagblad | 1991 | | pagina 27