KALENDER DER WEEK ZATERDAG 9 JANUARI 1932 DE LEIDSCHE COURANT TWEEDE BLAD PAG. 7 Wassing, Anna van Zanten, Johanna, van Z wieten. Voege men hier nog bij degenen welke later aan hun wonden (er waren om trent twee duizend gewonden), of aan de gevolgen van den schrik zijn omgekomen. (Leidsche Courant 30 4 1807. Zie adverten tie Ds. Joan Franc. Moltjes, wiens echtge noot© door schrik op 23-jarigen leeftijd stierf). Maar hoe groot het getal der verwon den en omgekomenen ook ia, moet men zioh tooli verwonderen, over het behoud van zooveel ingezetenen, bij zulk een schrikke lijk dreigend gevaar. Overal tooh, zoo binnen als buitenshuis vielen steenen, vloog het glas en ploften zware stukken hout, ijzer en lood neder. Brokken van ongemeene zwaarte van hot schip vlogen brandend door de lucht en zijn door de daken op de zolders, in tuinen of binnenplaatsen nedergevallen. Het an ker van het schip is zonder ring op een bleek buiten de Hoogewoerdspoort gevon den. Het lood, dat onder aan de mast van het schip voor de zwenkkraoht door gaans met ijzeren banden vastgenageld werd, was diep in den grond van het bosch aan de plaats Groenhoven op de Singel tusschen de Koe- en Wittepoorten gesla gen. (Dit stuk lood is nog in de Lakenhal aanwezig). Vele huizen werden ran binnen geheel verwoest. Het Logement „de Zon" en het Logement „de Gouden Leeuw", thans de Pastorie van de Petruskerk, en het winkelhuis van de firma D. A. Kelder, wareu voor gebruik ongeschikt geworden. Dit blijkt ook uit de volgende adverten ties voorkomende in de Le^sche Courant van 1807 en 1808. Hendrik Coebergh, Casteleyn in het logement de Zon, op de Breedestraat, maakt aan het geëerd publiek bekend, dat hij bijkans een rond jaar zonder broodwin ning heeft moeten doorbrengen, nu weder zijn gezegd Logement heeft mogen betrek ken onf daarmede een aanvang te maken op den len Januari eerstkomend. Het is niet alleen aan de bekende verwoesting onttrokken, maar zelfs tot meerder gemak van zijn begunstigers ingericht en naar de heerschende smaak geapproprieert. De ondergeteekende adverteert daar de zelve genoodzaakt was door den ramp van 12 Januari 1.1. zijn woning te verlaten en zijn winkel van Byouteriën, Parfumerieën en Kruidenierswaren te verplaatsen op den Nieuwen Rijn over de Heerengracht, nu door herstelling zijner woning wederom op de Breedestraat is geplaatst en verzoekt een ieders gunst en recommandatie. D. A. KELDER. (Leidsohe Courant 17 Sept. 1807.) Vooral ook de St. Pieters- en Hoogl. kerk werden gehavend. Van de eerste heeft men de steenen pilaren boven den ingang moeten omverhalen, waardoor dit gebouw van een groot sieraad beroofd is. De Lodewijkskapel werd ook bijna ge heel verwoest, alleen de boren bleef nage noeg onbeschadigd. De Stedelijke Bank van Leening in de Nieuwsteeg had het harder te verantwoor den. Het grootste gebouw, waarin meer dan twintigduizend groote panden waren ondergebracht, stortte in een oogenblik omver. Van de zes klerken, konden zich direot 3 personen, de kassier, boekhouder en beleener, bergen, doch de drie andere ambtenaren waren zoo bekneld geraakt, dat zij zichzelve niet konden bevrijden, doch betrekkelijk spoedig konden worden verlost. De derde, C. v. d. Post, moest evenwel geheel worden uitgezaagd. Met bekwamen spoed werden deze pan den verzorgd en op last van de Commissa rissen der Bank van Leening, overge bracht naar de Gasthuis- of St. Lodewijks- kerk. Van alle zijden kwam de liefdadigheid los. Lodewijk Napoleon stelde uit eigen kas 30.000 en bovendien nog 100.000 van regeeringswege beschikbaar, terwijl do Koningin volgde met 10.000. Predikanten, Studenten, Vereenigingen, Kostscholen, het garnizoen van Leiden, de gewapende Burgerwacht, Zanggezelschappen, Too- neelisten schonken bijdragen en zelfs het werkvolk gaf één dagloon. Uit Londen kwam een gift van ruim 35.000 door inza meling bijeengebracht. Tot slot zij nog meegedeeld, dat precies een jaar later op 12 Januari 1808 op de ruïne (waar thans het beeld van v. d. Werff staat) een gedenknaald werd geplaatst, waarin een koperen plaat werd gemet seld, met de volgende oorkonde er in ge graveerd TER GEDACHTENIS van de ongelukkige slachtoffers, door den ramp van 12 Januari 1807 te Leydon om gekomen, is op het weldadig bevel van den Menschlievenden eersten Koning van Holland Lodewijk Napoleon in het derde jaar zijner regeering, deze naald opge richt, waarvan de eerste steen is gelegd door zijner Majesteits Minister ran Bin- nenlandsche Zaken, den heer Mr. J. II. Mollerus, op 12 Januari des jaars 1808. Le Francq Berkhey schrijft bij een por tret van Koning Lodewijk Napoleon in zijn uitgave „Oud Hollands vriendschap": Door hulp van Jehova heeft Lodewijk Napoleon De Majestueuze Koning van Holland de rampzalige noodlottigheden, de doodelijke vloed dér verwoesting van Leyden „De Stad der Batavieren" overwonnen. MDCCCVIII L. V. Afbeelding der Ruïnes te Leiden gezien vanaf de Nieuwsteegbrug naar den Saaihal, op het Rapenburg. INTERPAROCHIEELE ADOLF KOLPING XXIII Toen in het jaar 1849 de cholera in Keulen uitbrak werd de toestand steeds bedenkelij ker, want de ziekte woedde met zulk een kracht en eischte zoo menig slachtoffer. Hoogst bedenkelijk was de toestand in het hospitaal, waar rector Marcus den arbeid niet alleen kon doen. De geestelijke overheid dacht er lang over, maar alle geestelijken waren dag en nacht m de weer. Kolping bood zich vrijwillig aan om den rector behulpzaam te zijn. Van dezen daad schreef Mgr. Schüffer: „Dat was een echt priesterlijk besluit, een waarlijk groothartige daad, die Kolping's wer ken in Keulen op de schoonste wijze inwijdde en zeer zeker Gods zegen op hem en zijn werk deed nederdalen. Was hij meestentijds zelf ongesteld in het hospitaal, zoo stond hij tcch menigen hangen nacht aan het bed der met kramppijnen worstelende zieken en ster venden, achtte geen moeilijkheden, overwon manmoedig den natuurlijken afkeer, dien cho- Uralijd«ra den biecht-boorenden prieatert ver oorzaken. In het aanschijn des doods werd van vele zondaren het hart verteederd en daaruit volgden vaak treffende bekeeringen". De vereeniging in Keulen groeide sterk en het schoolgebouw, waar nien zoo simpel was begonnen, bleek spoedig te klein. Een tweede lokaal werd ook te klein, toen kocht Kolping, na nog enkele gebouwen „doorloopen" te heb ben, huize Lender in de Breitestrasze, een statig gebouw met grooten tuin, waarin hij het hospitium bouwde. Kolping nam den be delstaf op en, bedelen is nu eenmaal niet ge makkelijk, het veroorzaakte Kolping niet al tijd genoegen. Maar volhouden zou hij en als bedelaar voor Christus wist hij vele rijke gif ten te bekomen. In het archief van de Keul- sche vereeniging bevindt zich een lijst, waar op de volgende corporaties en maatschappijen als weldoeners voorkomen. De vereenigingen „Colonia" en „Agrippina" en de Rheinische Dampschifffahrts-Gesellschaft met de Engli- sche Gas-Compagnie. De belangstelling in Kolping's onderneming groeide met den dag en de gezellen zorgden, dat Kolping zich over hen niet had te bekla gen. De heeren, die den Raad van Bestuur vormden, bewerkten den vruchtbaren akker in den trant van Kolping en aldus werd het in nen der aalmoezen, maar vooral het vragen erom, een door vele handen verrichte ar beid. Concerten werden gegeven en de katho lieke adel van Keulen kwam luisteren en.... brengen .Was het enkel muziek, dat men gaf? Neen, want zang en voordracht waren de on misbare cultureele middelen. Men aarzelde niet stukken uit 's lands beste literatuur ten gehoore te brengen en zelfs eigen werk te geven. Vooral de gelukkige dichter, Wilh. Ef fenberger, gaf zich veel moeite den gezellen te leeren en in de Keulsche vereeniging be waart men nog velen van zijn werken. Het aanzien der Gez. Ver. naar buiten werd sterk beïnvloed door mannen, die Kolping aan zijn werk wist te binden. De regeerings-secre- taris Maller wordt dikwijls genoemd en hij heeft zich voor de jonge organisatie buiten gewoon verdienstelijk gemaakt als secretaris van den Raad van Bestuur. Feesten alleen droegen dus wel iets bij tot den groei, maar het werk in de vereeniging was het voornaamste. Daar wist de gezel na zijn arbeid zijn vrienden in de weldoende hui selijke sfeer; daar wist hij aangename ont spanning in goede saamhoorigheid, daar wist hij vooral zijn praeses. En zooals Kolping ten voeten is uitgebeeld op den Kolping-Platz, zoo heeft hij meegeleefd met zijn gezellen in Keulen, hand in hand, oog in oog, hart bij hart. S. M. WAT 1931 GAF. Wel ja, laten we nog eens omkeeren en kijken naar het crisis- en malaise-jaar. Dat was het in heel de wereld en in onze Gez. Ver. ook?. Pardon, niet, 't Begon al, om eerst de voornaamste dingen te noemen, met de Vastenavondfeesten, 't Verliep best en beter kan 't niet! In April vierde de Retraiteclub „St. Clemens" haar eerste lustrum. Gezien het prachtige werk van deze club een feit dat mocht worden herdacht en in Lodewijkskerk en Gezellenhuis keurig werd gevierd. 1 Mei opende pastoor Vijverberg onze Huis- vlijt- en Vaktentoonstelling, de eerste na ja ren van voor den oorlog. Zeer goed in opzet en uitvoering en met een flink saldo voor het Kempermanfonds. Het 44ste Stichtingsfeest J bracht alle gezellen weer tezaam bij Altaar en Communiebank, alsmede aan het ontbijt. Dat was in October.. En December spande de kroon met den cursus over „Quadragesimo Anno" en de, lest best, Kerstretraite. (De Pro- paganda-vergadering in Nov. was „buitenge- De onderafdeelingen hebben, de een meer, de ander minder, goed werk geleverd. Er zijn clubs, die lijden aan de chronische kwaal n.l. te weing leden. Dat kwam wel eens tot uiting en toch is 't wel te verhelpen. Meer in een dracht aanpakken en volhouden, 't laatste vooral! Een afd. voetbal werd opgericht en onder den naam „Kolping Boys" ingeburgerd. Spaarkas, Ziekenfonds en Bibliotheek gingen crescendo, de laatste gaf een goed uitgevoerde catalogus uit. Si Gorgel eens tijdens het Concert I Natuurlijk droog met, Da» is prettiger en gaat overal. Doozen A 25. 45 en 65 ets. Ik zou nog kunnen verhalen van de practi- sche verbeteringen in ons Gezellenhuis, van den goeden geest onder de leden bij ontspan ning en inspanning, voor de toewijding van Praeses, Raad van Bestuur, Commissariaat, bestuurders en leiders der clubs en instellin gen. En vergeten mogen wij niet onze opvoed kundige maandvergaderingen, waar de belang stelling nog steeds voor groeit. 1931 tabé, 1932 welkom! En ook dit jaar in eendracht vooruit! Trouw aan Kolping. Aan Kolping trouw! SEVERUS. VOORWAARTS. Voorbij is het oude jaar, achter den rug de vreugd en moeilijkheden, het lief en leed daarin beleefd. Van blijvenden aard echter zijn de vruchten, die wij er in geplukt hebben, zoowel in de vereeniging als daarbuiten. Wij willen het hier slechts over de eerste hebben. Met vreugd en voldoening gedenken wij onze algemeene H.H. Communies en de lessen van onzen geachten Gezellenvader, die er zeker toe hebben mede gewerkt ons karakter te helpen vormen en ver edelen. Dit zijn er maar enkele, iedere gezel weet de profijten voor zich het best. Dank baar herinneren wij ons deze feiten. Wij staan nu op den drempel van 't nieuwe jaar. Optimistisch als wij allen gestemd zijn, vol verwachting en illusies. Stellen wij dan ieder naar vermogen en kunnen onze daden en wij gaan een nieuw en voorspoedig jaar tegemoet. Vooreerst moeten wij in innerlijke bloei en ledenaantal, want stilstand is achteruitgang. In onze eensgezind heid schuilt onze kracht, treffend illustreerde ons dit den heer Engels op den soc. cursus.Hij zeide o.a., dat de Kath. Partij hier te lande in de Kamer goed vertegenwoordigd is, ofschoon wij ongeveer een derde van de bevolking uit maken. Een nieuw jaar ligt voor ons, al is het hu nog als een gesloten boek, van dag tot dag zal de inhoud zich oan ons kenbaar maken. Laten wij ons sterk voelen in het groote Kolpingsverband. Klaarder komt dit tot ons, als wij bedenken, dat de Kolpingsvlag niet slechts in ons kleine landje wapoert, maar óók in Duitschland, Oostenrijk en Hongarije zoo wel als in Zwitserland en Amerika, enz. Be schouwen we de vereen, toch niet als 'n amu- sements-gelegenheid. Dat op 't Kolpingswerk Gods zegen rust blijkt overduidelijk uit haar ontwikkeling. Kolpingsbroeders helpt mede, dat het nieu we jaar zich weer tot een succesvol zal mogen ontplooien. A. KOLTRO. WAT NU? Blijde en hoogst voldaan zijn we weer terug gekeerd in onze familiekringen, in onze werk zaamheden, in onze vereeniging. Blijde en hoogst voldaan, want onze retraite is uitne mend geslaagd, dank zij aller medewerking. Bovenal echter dank aan God! Want het slagen van de retraite, we hebben 't Hem af gebeden in onze noveen en Hij heeft onze bede verhoord. Het is voor de nieuwelingen een openba ring geworden; zij stonden, begrijpelijk, wel wat vreemd tegenover dit werk, maar voor hen vooral zijn het onvergetelijke dagen geworden en menig retraitant verzekerde ons dat het tip-top-dagen waren. Ook wij zijn hoogst vol daan dat, na veel werk weliswaar, toch iets bizonders is verkregen met, naar wij vertrou wen, rijke vruchten. Nu is het zaak de retraite te propageeren en gij, oud-retraitanten, zijt daarvoor de aange vezen propagandisten. Laat uw invloed gel den bij uw medegezellen, trekt het door uw voorbeeld, begeestert hen door uw woord. Vertelt hen van uw genoegens in recreatie- en biljartzaal, bij wandelingen voetbal; vertelt hen ook van uw ziele-geluk, dat gij -er vond bij en door God. Zet alles op alles en praat maar gerust van het goede eten en drinken, als dat soms het middel is om invloed uit te oefenen. De rest, en dat is veel, krijgen ze ca deau! Propageert zooveel ge kunt, wij zullen gaarne helpen. Tenslotte, daar waren gezellen niet in staat, door werkzaamheden, aan de retraite deel te nemen. Voor hen is er gelegenheid in lente en zomer. Dan daarvan profiteeren! Het gaat om je geestelijke goederen, dus.... denkt na en handelt. Wij geven gaarne alle inlichtingen. Het Bestuur van „St. Clemens". ZIEKENFONDS Door samenloop van omstandigheden kon het gebruikelijke jaarverslag op de maand vergadering der afd. Gehuwden van Januari nog niet worden uitgebracht. Dit zal nu ge beuren op de maandvergadering van Februari, Tevens zal de volgende week het nieuwe re glement gedrukt wordeA en aan de leden van ons Ziekenfonds worden toegezonden. MAANDVERGADERING AFD. GEZELLEN. Dinsdarf a,s. heeft de maandvergadering van de Afd. L .zeilen plaats. Aanvang te kwartier voor negen. Op het einde van deze bijeen komst zal onder de welwillende leiding van den directeur van Sebastian Schaffer een ocgenblik worden gerepeteerd voor onze H. Mis op het Vastenavondfeest. Het is namelijk de bedoeling, dat ditmaal de antwoorden op den priester in de H. Mis door alle aanwezigen zullen worden gezongen De tekst zal daartoe aan allen worden ver strekt en Dinsdag zullen deze eenvoudige ge zangen worden gerepeteerd. N.B. Als niet anders wordt aangege ven dagelijks Gloria en Credo. De Prefa tie en het Gebed „Communicantes" van Driekoningen. Kleur. Wit. ZONDAG 10 Jan. Feest van de H. Fa milie. Mis: Exsultet. 2e gebed v. d. Zondag (onder het octaaf van Driekoningen)8e v. h. Driekoningenoctaaf. De H. Kerk stelt vandaag aan de Ka tholieke huisgezinnen tot voorbeeld de H. Familie: Jezus, Maria en Joseph. Met de woorden van den H. Paulus wijst zij de echtgenooten er op, hoe zij in liefde met elkander móeten leven, in liefde voor el kander de kracht moeten vinden elkanders gebreken te verdragen en gaarne te ver geten. Die liefde is de grondslag en voor waarde voor den waren vrede van Chris tus in de huisgezinnen. Naar het voorbeeld van de H. Familie moet in ieder Katholiek huisgezin heerschen oprechte godsdienst zin en moet er naar gestreefd worden al les, wat in het huisgezin wordt gedaan, te doen in den Naam van Jezus Christus tot dankbare eer aan God. (Epistel). Bij de offerande worden de ouders er aan herinnerd, hunne kinderen iederen dag, voor zoover het van hen afhangt, beter aan God op te dragen door een echt de gelijke Katholieke opvoeding. De kinde ren, zonder uitzondering, dus ook de groo teren, zoolang zij bij vader en moeder thuis zijn worden gewezen op het verheven voorbeeld van Jezus, Die, ofschoon God, nederig gehoorzaamde gedurende geheel Zijn verborgen leven (dus ook toen Hij twintig jaar was en ouder) aan twee men schel: Maria en Joseph. „Heer Jezus Christus, geef toch, dat in onzen tijd van verslapping der huiselijke tucht en van op stand tegen het ouderlijk gezag onze Roomsche vaders en moeders en kinderen mogen leeren uit het verheven voorbeeld van het H. Huisgezin." (Gebed). MAANDAG 11 Jan. Mis v. d. 6en dag onder het Driekoningenoctaaf: Ecce ad- venit (als op 6 Jan.). 2e gebed v. d. Zon dag onder het octaaf van Driekoningen 3e v. d. H. Hyginus, Paus en Martelaar. Ook is geoorloofd de H. Mis van den Zondag onder het Driekoningenoctaaf: In excelso. 2e gebed v. d. octaaf3e v. d. H. Hyginus. DINSDAG 12 Jan. Mis v. d. 7en dag on der het Driekoningenoctaaf: Ecce advenit. 2o gebed ter eere van Maria (Deus, qui sa- lutis); 3e voor Kerk of Paus. WOENSDAG 13 Jan. Octaaf van Drie koningen. Mis: Ecce adve.nit. (als op 6 Jan., maar eigen gebeden en Evangelie). Wat de heilige drie Koningen onB leer den door hun nederig neerknielen in de stal van Bethlehem zegt de H. Johannes de Evangelist ons op dezen da'g duidelijk: „Deze (het Pïnd van Bethlehem) is de Zoon van God. Hij beroept zich op het wonder bij den doop van Christus, toen de H. Geest nederdaalde en de Vader open lijk getuigde: Deze is Mijn welbeminde Zoon". DONDERDAG, 14 Jan. Mis v. d. H. Hi larius, Bisschop, Belijder en Kerkleeraar: In medio. 2e gebed v. d. H. Felix, Marte laar. Vanaf dezen dag de gewone Prefa tie en de gewone „Communicantes". Met vele andere bisschoppen bestreed de H. Hilarius, Bisschop van Poitier vooral door zijne geschriften, den ketter Arius, hetgeen zijne verbanning tengevolge had. Hilarius behoort ook tot de voornaamste kerkelijke Hymnedichters. VRIJDAG 15 Jan. Mis v. d. H. Paulus, eerste kluizenaar: Justus. 2e gebed v. d. H. Maurus, Abt. Geen Credo. Op vijftienjarigen leeftijd vluchtend voor de kerkvervolgers Decius en Valerianus verborg de H. Paulus zich in de woestijn, waar hij tot het einde van zijn leven (hij word 113 jaar) het eenzame kluizenaarsle ven beoefende op heldhaftige wijze in ge bed en versterving. De palmboom verschaf te hem kleeding en voedsel en God spijzig de hem wonderlijk door dagelijks een raaf brood te laten brenngen. ZATERDAG 16 .Tnn. Mis. v. d. H. Marcel lus I, Paus en Martelaar: Statuit. 2e ge bed ter eere van Maria; 3e voor de Kerk; 4e voor den Paus. Geen Credo. Kleur: Rood. IN DE KERKEN DER E.E. P.P. FRANCISCANEN. Alles als in bovenstaande kalender van het Bisdom, behalve: ZATERDAG. Mis v. d. H.H. Berardus en Gezellen, Martelaren: Multae tribulationes 2e gebed v. d. H. Marcellus 3e voor den Paus. ALB. M. KOK, Amsterdam. Pr. BROEDERS CDNURECATIE O.L.VROUW VAN VII SMARTEN NOVICIAAT JUVENAAT VOORHOUT MISSIE IN CHINA Opleiding vanaf 12 jaar voor jongens die neiging gevoelen om Broeder te worden in verschillende ambachten bij het Lager On derwijs en Nijverheidsonderwijs. Kost- en leergeld nader overeen te komen. Prospectus wordt gratis op aanvrage toe gezonden.

Historische Kranten, Erfgoed Leiden en Omstreken

Leidsche Courant | 1932 | | pagina 6