Artefacten: organisch Paleo-ecologische resten 5. Uitwerking en conservering Analyse fysische- geografie Structuren en grondsporen Artefacten: anorganisch Artefacten: organisch Paleo-ecologische resten Beeldrapportage (objecttekeningen, foto's, kaarten, e.d.) Conservering geselecteerd materiaal (zie CvAK-leidraad nr. 1) Beperkingen 6. Eindproduct: rapportage en deponering Te leveren product Inhoud eindrapport Verschijning en oplaag eindrapport Deponering Alle mobilia worden verzameld en geborgen, geregistreerd en verpakt conform de Archeologie Leidraad 1 Na aanleg van het vlak worden de vondsten in vakken van 5x5 meter verzameld. Een metaaldetector wordt gebruikt bij en na de aanleg van het vlak. Het gebruik van de metaaldetector is bedoeld voor het verzamelen van metaalvondsten maar ook gericht op het voorkomen van vandalisme door schatgravers. Zie Artefacten anorganisch Er worden geen monsters ten behoeve van paleo-ecologisch onderzoek genomen. Er vindt geen fysisch-geografisch onderzoek plaats. Gezien de beperkte verstoring en de dikte van de bouwvoor ter plaatse worden er geen structuren en grondsporen verwacht. Aangetroffen anorganische vondsten worden geteld, gewogen en geregistreerd conform de KNA-specificaties OS10 en OS11. Aardewerk wordt gedetermineerd t.b.v. het dateren van het materiaal in de bouwvoor. Aangetroffen organische vondsten worden geteld, gewogen en geregistreerd conform de KNA-specificaties OS10 en OS11 n.v.t. Tijdens de begeleiding worden foto's gemaakt van de algemene situatie, de ontgravingswerkzaamheden, de geroerde grond ter plaatse van de verwijderde fundamenten en van het gefreesde vlak. Fragiele en/of belangwekkende vondsten dienen op de plaats van aantreffen gefotografeerd te worden. Representatieve foto's zullen worden opgenomen in het briefrapport. Vondsten worden geconserveerd volgens de daarvoor geldende richtlijnen. Te conserveren vondsten zijn: metalen, leren en houten gebruiksvoorwerpen, munten en resten van schoeisel/kleding- resten. Keuze voor te conserveren vondsten wordt verantwoord in een beknopt evaluatierapport. N.v.t. Het eindproduct is een briefrapport (KNA protocol Archeologische Begeleiding met beperkte verstoring). Het briefrapport bevat in aanvulling op de KNA-specificaties tenminste een beschrijving en datering van het aangetroffen archeologische vondstmateriaal in tekst en tabel. Het rapport wordt uitgegeven door de gemeente Leiden in de eigen huisstijl. Het concept wordt ter goedkeuring aangeboden aan de opdrachtgever en aan het bevoegd gezag (RACM). Na goedkeuring wordt het rapport definitief. Een exemplaar van het definitieve rapport wordt ter beschikking gesteld van de opdrachtgever, de gemeente, de provincie. De Rijksdienst voor Archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten (RACM) ontvangt twee exemplaren. De KB ontvangt een exemplaar. Vondsten en documentatie worden gedeponeerd in het archeologisch depot van de gemeente Leiden. Voor deponering van vondsten gelden de in de KNA 3.1 gestelde richtlijnen en in aanvulling hierop de Eisen aan levering van het depot van de gemeente Leiden. De digitale documentatie wordt conform KNA- specificatie DS05 overgedragen aan het e-Depot. 21

Historische Kranten, Erfgoed Leiden en Omstreken

Bodemonderzoeken in Leiden | 2008 | | pagina 23